Begin 2018 is een groot landelijk onderzoek gestart om te achterhalen hoe vaak resistente bacteriën in verpleeghuizen voorkomen. Met de resultaten kunnen verpleeghuizen maatregelen nemen om verspreiding van deze bacteriën tegen te gaan.

Wat zijn resistente bacteriën?

Resistente bacteriën zijn bacteriën die minder gevoelig of ongevoelig zijn voor antibiotica. Mensen die ziek worden van resistente bacteriën, kunnen vaak moeilijker behandeld worden. Antibioticaresistentie is een wereldwijd groeiend probleem. 

Resistente bacteriën komen in Nederland bij een klein deel van de bevolking voor. Zij bevinden zich meestal in de darmen. De meeste mensen merken er niets van. Ze worden zelf niet ziek, maar kunnen deze bacteriën soms doorgeven aan anderen. Kwetsbare mensen (zoals mensen met een verminderde weerstand) kunnen echter wel ziek worden van deze bacteriën. Zij kunnen bijvoorbeeld een blaasontsteking krijgen. 

Omdat de behandeling van resistente bacteriën moeilijker is, zijn patiënten vaak langer of ernstiger ziek. Daarom is het belangrijk om te zorgen dat zulke bacteriën zich niet verspreiden, zeker bij mensen met een zwakke gezondheid.

Inzicht nodig in voorkomen resistente bacteriën

Om de bestrijding van resistente bacteriën in Nederland goed vorm te geven, is het belangrijk te weten hoe vaak resistentie voorkomt in de zorgsector. Op dit moment is het onduidelijk wat de omvang van de resistentie-problematiek is in de langdurige zorg. Daarom start het 'Puntprevalentieonderzoek dragerschap resistente bacteriën in verpleeghuizen (PPOPuntprevalentieonderzoek)'. In dit onderzoek wordt op één moment gemeten of en welke resistente bacteriën aanwezig zijn bij cliënten van verpleeghuizen. 

Wie doet het onderzoek naar resistente bacteriën?

In totaal zullen ongeveer 300 verpleeghuizen meedoen met het onderzoek. In deze huizen doen ongeveer 40 cliënten mee. Bij hen wordt onderzocht of ze resistente bacteriën bij zich dragen. De verpleeghuizen voeren een groot deel van het onderzoek uit. De regionale zorgnetwerken coördineren het onderzoek in hun regio en zijn aanspreekpunt voor de verpleeghuizen. Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu voert de landelijke coördinatie over het onderzoek en zorgt voor een rapportage. Het onderzoek is een opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Meer informatie

Op deze pagina vindt u een filmpje over het onderzoek en folders met meer informatie. Heeft u vragen, opmerkingen of suggesties? Stuur een e-mail naar ppo@rivm.nl

Meedoen?

Wilt u met uw verpleeghuis meedoen aan het onderzoek? Op de pagina's voor professionals vindt u meer informatie.

Filmpje onderzoek naar resistente bacterien in verpleeghuizen

VOICE-OVER: Steeds meer bacteriën worden resistent tegen antibiotica.

(Een animatie.)

Het gevolg is dat infecties, zoals een blaasontsteking in de toekomst niet goed meer kunnen worden behandeld.
Het is een onwenselijke situatie in elk verpleeghuis verspreiding van een resistente bacterie binnen het huis.
Antibioticaresistentie betekent dat bepaalde bacteriën niet meer gevoelig zijn voor de werking van antibiotica.
Vaak komen deze resistente bacteriën ongemerkt bij mensen voor maar ze kunnen ook een infectie veroorzaken.

(Een tekening van rode bacteriën.)

Vooral bij kwetsbare mensen, zoals zieken en ouderen is een infectie met zo'n resistente bacterie soms moeilijk te behandelen.
Om resistente bacteriën effectief te bestrijden, is het belangrijk te weten waar, wanneer en bij wie deze voorkomen.
Met onderzoek kunnen we vaststellen hoeveel mensen resistente bacteriën bij zich dragen en vervolgens maatregelen nemen.
In 2018 organiseert het RIVM een grootschalig onderzoek bij bewoners van verpleeghuizen.
Bij dit onderzoek worden zo'n 300 verpleeghuizen betrokken verspreid over het hele land.
In elk van deze verpleeghuizen wordt bij circa 40 cliënten onderzocht of zij resistente bacteriën bij zich dragen.
Meedoen aan het onderzoek is op vrijwillige basis.
De cliënt of een familielid moet hiervoor toestemming geven.
Het onderzoek is pijnloos en wordt uitgevoerd door de eigen verzorgende of verpleger tijdens de dagelijkse verzorging.
Met een wattenstaafje wordt over de huid rond de anus gewreven.
De wattenstaafjes worden naar het laboratorium gestuurd en daar getest.
Het laboratorium koppelt de resultaten terug aan het verpleeghuis.
Cliënten krijgen de uitslag van hun eigen arts.
De resultaten van alle deelnemende cliënten worden door het RIVM anoniem verzameld en geanalyseerd.
Met de resultaten uit dit onderzoek kunnen verpleeghuizen betere maatregelen nemen om te voorkomen dat resistente bacteriën zich verder verspreiden.
En landelijk geeft het een goed beeld over de aanwezigheid van resistente bacteriën in verpleeghuizen.
Zo kunnen we ons beter wapenen tegen antibioticaresistentie.
Kijk voor meer informatie op onze website.

(Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het beeld wordt blauw met wit. Beeldtekst: Meer informatie? Kijk op www.rivm.nl/resistentie-in-verpleeghuizen.)