Adaptatie maatregelen worden toegepast om ons aan te passen aan klimaatverandering en de negatieve gevolgen ervan op bijvoorbeeld de gezondheid te beperken. Op deze pagina worden de effecten van stedelijke adaptatie op de gezondheid besproken. Stedelijke adaptatie kan positieve effecten hebben op de gezondheid maar ook (onbedoelde) negatieve effecten. Wetenschappelijke onderzoeken uit verschillende landen zijn bekeken en de kwantitatieve effecten van stedelijke adaptatie zijn hier samengevat. Wanneer onderzoeken in het buitenland zijn gedaan zullen de beschreven effecten niet per se hetzelfde zijn voor Nederland. Deze pagina is bedoeld als overzicht en er is meer onderzoek nodig om zeker te zijn over precieze effecten in Nederland.

Een stedelijke omgeving versterkt doorgaans de effecten van klimaatverandering. Als het gaat om de gevolgen van hitte, droogte en wateroverlast verergert de bebouwing het in goede banen leiden van warmte, waterafvoer en waterberging. De stad vraagt om specifieke aanpassingen van de buitenruimte en gebouwen. Adaptatie maatregelen in de buitenruimte richten zich op o.a. hitte, water en luchtkwaliteit. In gebouwen gaat het vooral om maatregelen die het binnenmilieu verbeteren. Klimaatverandering zelf heeft doorgaans  een negatief effect op het gebied van hitte, vocht, fijnstof en ongedierte binnen wat nog versterkt kan worden door isolatiemaatregelen in het kader van energiebesparing (Kennisagenda Klimaat en gezondheid).

Impact milieu

Vooral tijdens warme perioden kunnen steden zogenaamde hitte-eilanden worden. Dit betekent dat het in de stad warmer wordt dan op plekken buiten de stad, doordat bebouwing meer warmte vasthoudt. Wereldwijd wordt dit het urban heat island effect (UHI effect) genoemd. Veel grote steden vertonen dit effect, met temperaturen die 1-3 graden Celcius warmer zijn dan de rurale omgeving (Santamouris, 2001; EPA Environmental Protection Agency, 2016). Groene en blauwe plekken in de stad kunnen zorgen voor verkoeling (zie thema’s Groene adaptatie en Blauwe adaptatie). Ook is er een verkoelend effect te bereiken door donkere, zonlicht absorberende oppervlakken zoals daken, pleinen of wegen lichter te maken zodat ze meer zonlicht reflecteren (Jandaghian & Akbari, 2018; Morini et al., 2016). Het verhogen van de reflectiviteit (ook wel albedo genoemd) kan zorgen voor verkoeling in de stad van 0,3 tot 2,5 graden (Morini et al., 2016; Macintyre & Heaviside, 2017).

Om de binnentemperatuur te verlagen kan gebruik worden gemaakt van zonwering en ventilerende en verkoelende bouwconstructies (Botti & Ramos, 2017). Voor de verlaging van de binnentemperatuur zijn deze aanpassingen effectiever dan het vergroten van het groene oppervlakte in de stad met 50% (Macintyre & Heaviside, 2017). Dergelijke aanpassingen aan een gebouw hebben niet alleen een verkoelend effect, maar werken ook positief uit op de kwaliteit van het binnenmilieu.

Een andere manier om te zorgen voor verkoeling in gebouwen is het gebruik van airconditioning. Dit kost energie en leidt dus tot meer luchtverontreiniging en hitte op straat aangezien de airco’s hun warmte naar buiten transporteren. De luchtverontreinigende uitstoot is echter relatief klein in vergelijking met de verslechtering van de luchtkwaliteit als gevolg van klimaatverandering (Abel et al., 2014). Gebruik van schonere energiebronnen zou wel substantieel bijdragen aan minder doden gerelateerd aan luchtverontreiniging (Abel et al., 2014). Los daarvan is airconditioning vaak wel een relatief dure oplossing die voor de meest kwetsbaren met een laag inkomen minder goed betaalbaar is (Kingsborough et al., 2017).

Impact op gezondheid

Dat door hitte in de zomer meer mensen overlijden, is in vele onderzoeken vastgelegd (Smoyer-Tomic & Rainham, 2001; Kalkstein et al., 2011; Son et al., 2016Steul et al., 2018). Door daken, muren en straten veel meer warmte en zonlicht te laten reflecteren (hoger albedo) kan deze hitte-gerelateerde sterfte aanzienlijk dalen. Hoeveel is afhankelijk van de inrichting van de stad en het klimaat ter plekke. Volgens een Canadese studie kan de hittesterfte met zo’n 3,2% worden verlaagd door het verhogen van de albedo van de oppervlaktes in de stad (Jandaghian & Akbari, 2018) en volgens een Britse studie zelfs met 7% (Macintyre & Heaviside, 2017). Voor verkoelende maatregelen in gebouwen, door slimme constructies of airconditioning geldt eveneens dat de impact op de gezondheid aanzienlijk zijn, met name op plekken met veel kwetsbaren zoals verzorgingstehuizen.

Voorbeelden van handelingsperspectieven

Aanpassingen in de gebouwde omgeving die gericht zijn op klimaatadaptatie kunnen het stedelijk hitte eiland effect en daarmee de temperatuur verlagen. Er zijn verschillende internationale studies die beschrijven op welke manieren dit kan worden bereikt, zoals:

  • Onderzoek in Montreal (Canada) laat zien dat het mogelijk is om sterfte tijdens een hittegolf met bijna 3,2 % te verlagen door het vergroten van de oppervlaktereflectiviteit van daken, muren en straten (albedo). In Montreal zou het vergroten (van 0,2 naar 0,45-0,6 albedo) volgens modelberekeningen zorgen voor een daling van 0,6˚C in luchttemperatuur en een stijging van 2% in luchtvochtigheid (Abel et al., 2014).
  • In Engeland heeft men gekeken naar de temperatuur in verzorgingshuizen en de effectiviteit van maatregelen om de stijging daarvan te beperken. De meest effectieve manier daarvoor bleek om te zorgen dat er minder zon binnenkomt. Dit kan door hoogwaardige beglazing, externe zonwering/luiken, verbeterde ventilatie door trek-ontwerp (schoorsteeneffect) en het verzwaren van de bouwconstructie en daarmee de thermische massa. Deze aanpassingen op zich zelf zijn onvoldoende in staat om oververhitting door klimaatverandering op termijn te voorkomen. Daarvoor zal gezocht moeten worden naar een combinatie van adaptatiestrategieën (Botti & Ramos, 2017).
  • Een Britse studie heeft gekeken naar de effectiviteit van reflecterende daken in de stad. Een koel of verkoelend dak weerkaatst meer licht en warmte. Door alle daken in Birmingham reflecterend te maken zou de temperatuur in de stad met 0,3˚C verlaagd kunnen worden en de sterfte door hitte zou daarmee mogelijk tot maximaal 7% verlaagd kunnen worden (Macintyre & Heaviside, 2017).
  • Dergelijke resultaten zijn ook gevonden in Italië, in de stad Terni, waar het verhogen van de reflectiviteit van alle oppervlakten kan zorgen voor een temperatuur verlaging van 0-2,5˚C. Interessant is dat het er in deze studie op lijkt dat het verhogen van de reflectiviteit niet alleen verkoelend werkt in de directe omgeving, maar ook in omliggende stedelijke delen van de stad (Morini et al., 2016).
  • De gezondheidsvoordelen van hittestress verminderende strategieën (vergroening, albedo verhoging of een combinatie van beide) is voor verschillende stadsdelen afhankelijk van demografische en stedenbouwkundige aspecten. In stadsdelen met hoge verstedelijking en veel inwoners met lage inkomens en/of hoge leeftijden zijn deze strategieën relatief effectiever, omdat hier doorgaans meer kwetsbare mensen wonen (Vargo et al., 2016).

Bij de (her)inrichting van steden moet mede daarom, naast klimaatadaptatie, ook rekening worden gehouden met andere stedelijke functies en ontwikkelingen.

Let op: Voor dit onderdeel van de website is specifiek gekeken naar het effect van stedelijke adaptatie maatregelen op de gezondheid en dus niet naar de gezondheidseffecten van stedelijke maatregelen in het algemeen. Op dit onderwerp is veel meer onderzoek gedaan. De onderzoeken die hier worden aangedragen zijn enkel in verband met klimaatadaptatie.

Overige referenties

Santamouris, M. (2001). Heat-island effect. Energy and climate in the urban built environment, 48-69.

US Environmental Protection Agency (2016). Heat Island effect.

Wat doet het RIVM?

  • Gezonde Leefomgeving - Thema Klimaat brengt voor een aantal klimaat gerelateerde aspecten uit de leefomgeving in beeld (veiligheid, luchtkwaliteit en voedselvoorziening) welke gezondheidseffecten daarmee gepaard gaan.
  • Atlas Leefomgeving - Thema Klimaat geeft inzicht in de huidige situatie en trends over de leefomgeving en hoe deze warmer, droger en tegelijkertijd ook natter wordt, met een stijgende zeespiegel.