Thermisch comfort Thermisch comfort is de mate waarin men tevreden is over het thermisch binnenklimaat van een gebouw. Het gaat dan bijvoorbeeld om ‘het warm of koud hebben’ en om tocht en hinder van koude vloeren.
Ventilatie Ventilatie is het proces waarbij ‘verse’ lucht van buiten naar binnen wordt toegevoerd en ‘gebruikte’ lucht van binnen naar buiten wordt afgevoerd. Voldoende ventilatie voorkomt dat stoffen zich ophopen in het binnenmilieu.
Verbrandingsproducten Verbrandingsproducten komen in het binnenmilieu terecht door het gebruik van bijvoorbeeld een open haard, kachel, afvoerloze geiser, kaarsen, gasfornuis, of door roken van de bewoners. Meestal zijn de concentraties van deze stoffen binnenshuis laag.
Koolmonoxide (CO) Per jaar overlijden in Nederland ongeveer 10 mensen aan de gevolgen van koolmonoxidevergiftiging en worden ongeveer 150 mensen in het ziekenhuis opgenomen. Wanneer de koolmonoxidebron tijdig weggehaald wordt, kan het lichaam zich meestal weer herstellen.
Binnenmilieu in woningen Mensen maken zich vaak zorgen over het binnenmilieu. Dit blijkt uit het aantal klachten over het binnenmilieu dat bijvoorbeeld bij GGD'en binnenkomt. De binnenmilieukwaliteit van woningen wordt beïnvloed door een groot aantal factoren.
Stikstofdioxide (NO2) Blootstelling aan NO2 kan mogelijk luchtwegklachten en -aandoeningen veroorzaken of verergeren. Resultaten van studies naar de gezondheidseffecten van NO2 in het binnenmilieu zijn inconsistent.
Asbest Asbest is een natuurlijk product dat veel gebruikt werd in en om gebouwen, vooral in bouwmaterialen. Tegenwoordig is het gebruik ervan verboden. In gebouwen, woningen en scholen die tussen 1960 en 1982 gebouwd zijn kan echter nog asbest aanwezig zijn.
Fijn stof De belangrijkste bron van fijn stof (vooral PM10; particulate matter met een deeltjesgrootte van circa 10 micrometer) in het binnenmilieu is tabaksrook. Daarnaast is fijn stof afkomstig uit de open haard, van bakken en braden en stofzuigen.
Bronnen van Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK's) PAK’s zijn een groep organische stoffen die ontstaan door onvolledige verbranding. Ze worden bijvoorbeeld gevormd bij het aanbranden van eten (barbecuen), het stoken van houtkachels en open haarden en ze zitten in sigarettenrook.