Surveillance van Listeria monocytogenes in Nederland, 2014 / IB 02-2016
In 2014 werden in Nederland 95 patiënten met listeriose gerapporteerd; dit is een incidentie van 5,6 per miljoen inwoners. Onder de zieken waren 3 zwangere vrouwen (3%).
In 2014 werden in Nederland 95 patiënten met listeriose gerapporteerd; dit is een incidentie van 5,6 per miljoen inwoners. Onder de zieken waren 3 zwangere vrouwen (3%).
Van 2007 tot en met 2010 vond in Nederland de grootste Q-koortsepidemie plaats die ooit in de wereld waargenomen werd. Meer dan 4000 patiënten werden gemeld en tienduizenden drachtige geiten en schapen werden geruimd.
In het artikel van Niessen e.a., in het Infectieziekten Bulletin van 26 januari 2016 wordt betoogd dat bron- en/of contactonderzoek (BCO) bij individuele meldingen van infectieziekten vaak achterwege zou kunnen blijven.
Richtlijnen worden in de praktijk van de infectieziektebestrijding beschouwd als effectieve en efficiënte instrumenten om transmissie van infectieziekten te beperken.
De meldingsplicht van kinkhoest is van belang voor surveillance en het inzetten van preventiemaatregelen, maar door de hoge kinkhoestincidentie levert dit veel werk op voor GGD'en. GGD’en gaan verschillend met kinkhoestmeldingen om.
Transmissie van leptospiren van hond op mens wordt zelden beschreven en verloopt via besmetting van open wonden of slijmvliezen. (1) Afgelopen voorjaar kregen 2 assistenten van een dierenkliniek in de regio griepachtige klachten nadat zij contact hadden gehad met het speeksel van een hond die verschijnselen vertoonde van de ziekte van Weil.
Overzicht van bijzondere meldingen, clusters en epidemieën van infectieziekten in binnen- en buitenland
Een GGDis de afgelopen tijd met meerdere casussen van kinkhoest geconfronteerd waarbij de patiënt een zuigeling was. Het doel van GGD-contactonderzoek en het aanbieden van preventieve antibiotica bij kinkhoest richt zich juist op het beschermen van niet of onvolledig gevaccineerde zuigelingen die nog niet voldoende antistoffen tegen kinkhoest hebben opgebouwd.
De surveillance van Shigatoxineproducerende Escherichia coli (STEC) in Nederland is gebaseerd op de meldingen van STEC O157-infecties. In 2007 is de diagnostiek van STEC non-O157 hieraan toegevoegd, hoewel deze nog niet landelijk dekkend is.