Lees hoe COVID-19 de ernst van ziekte, kwaliteit van leven en langdurige klachten zoals post-covid heeft beïnvloed in Nederland.

Ernst van ziekte en ziektelast door COVID-19

Ernst van ziekte door corona-infectie

Met behulp van PIENTER-Corona is het aantal infecties in de Nederlandse samenleving goed te schatten. Samen met andere datastromen, waaronder het aantal ziekenhuis- en IC Intensive care (Intensive care)(Intensive care)-opnames en oversterfte, is de ernst van ziekte op verschillende tijdsmomenten gedurende de eerste anderhalf jaar van de pandemie in kaart gebracht.

Er werd een grote (bijna exponentiële) toename in de ernst van ziekte gezien met het toenemen van de leeftijd tijdens iedere periode. Deze toename was het grootst voor sterfgevallen. In de eerste golf was het algemene risico (gemiddeld over alle leeftijden) in de samenleving na infectie:

  • 1,5% op ziekenhuisopname
  • 0,36% op IC-opname
  • 1,2% voor sterfte

Het risico op ziekenhuisopname was het hoogst tijdens de eerste en tweede coronagolf (dus tijdens het eerste jaar van de pandemie). Het risico op sterfte nam af over de tijd, waarbij een grote afname werd gezien in 70+’ers vanaf de eerste helft van 2021: het moment dat de vaccinatiecampagne van start ging. De alleroudsten kregen toen prioriteit en werden als eersten gevaccineerd.

Publicatie:

Ziektelast door COVID-19 in 2020

De impact van COVID-19 op de volksgezondheid was groot. Met onder andere de gegevens uit PIENTER-Corona over het aantal infecties en type symptomen heeft het RIVM een inschatting gemaakt van de ziektelast naar verschillende groepen in Nederland in 2020. De bevindingen uit dit soort studies zijn erg waardevol voor beleidsmakers, omdat het ook inzichten biedt voor gerichte preventieve interventies in specifieke groepen.

Ondanks de strenge maatregelen was de ziektelast door acute COVID-19 in 2020 erg hoog, zeker in vergelijking met andere infectieziekten en de meeste chronische aandoeningen. De grootste ziektelast in de samenleving kwam door vroegtijdig overlijden door het coronavirus. Dit was vanaf een leeftijd van 35 jaar en ouder te zien, en steeg erg snel vanaf 60 jaar en ouder. 

De helft van de totale ziektelast werd gezien in mensen van 80 jaar en ouder, en relatief gezien de minste in mensen tot 50 jaar. Een groot deel van de ziektelast in 2020 kwam door de eerste coronagolf. De tweede coronagolf was aan het einde van 2020 nog in volle gang. 

Het is goed om te beseffen dat in deze ziektelastschattingen nog geen rekening kon worden gehouden met langdurige klachten na corona-infectie (post-covid) en andere gevolgen van de pandemie op de publieke gezondheid. Het is waarschijnlijk dat de ziektelast (door het verlies aan gezonde levensjaren) daarom in werkelijkheid nog hoger lag.

Publicaties:

Kwaliteit van leven tijdens de pandemie

In zowel het PIENTER-Corona-onderzoek (ronde 4 t/m 6) als de VASCO-studie heeft het RIVM de kwaliteit van leven onderzocht tijdens het tweede en derde coronajaar. Dit gebeurde met gegevens over de mentale en fysieke gezondheid van ruim 45.000 VASCO-deelnemers en ruim 8.000 PIENTER-Corona-deelnemers.

Deelnemers van 30 jaar en jonger bleken de minst goede mentale gezondheid en de beste fysieke gezondheid te hebben. Mentale gezondheid nam toe met de leeftijd. Daarentegen nam fysieke gezondheid af met de leeftijd. Mentale en fysieke gezondheid waren minder goed bij vrouwen dan bij mannen en bij deelnemers met een medisch risico dan bij deelnemers zonder medisch risico. Mentale en fysieke gezondheid schommelden over de tijd. Deze schommelingen waren groter bij deelnemers onder de 60 jaar dan bij deelnemers van 60 jaar en ouder. Er was geen sterke (negatieve) relatie tussen deze schommelingen en de mate van de corona-maatregelen.

Publicatie:

Post-COVID

Er zijn mensen die na een besmetting met corona langdurige klachten blijven houden. Dit wordt post-covid genoemd, ook wel long-covid. PIENTER-Corona deed ook onderzoek naar post-covid. Om een inschatting te maken van post-covid in Nederland, is gebruik gemaakt van vragen over de kwaliteit van leven.

Met behulp van data uit studierondes 1-4 is de relatie tussen de tijd sinds besmetting en de kwaliteit van leven onderzocht. Gegevens over mentale gezondheid, fysieke gezondheid en vermoeidheid van ruim vijfduizend deelnemers van ronde 4 (februari 2021) zijn hiervoor gebruikt. Bij deze deelnemers is bepaald of, en wanneer, zij besmet waren (meer of minder dan vier maanden eerder).

Fysieke gezondheid en ernstige vermoeidheid

Deelnemers die in de vier maanden voorafgaand aan deelname besmet waren, hadden vaker een slechtere fysieke gezondheid en waren vaker ernstig vermoeid dan deelnemers zonder besmetting. De mentale gezondheid was vergelijkbaar tussen deze twee groepen. Bij deelnemers die meer dan 4 maanden eerder besmet waren, was er geen verschil in mentale gezondheid, fysieke gezondheid en vermoeidheid ten opzichte van deelnemers zonder besmetting.

Onderzoek naar biomarkers

Op dit moment wordt er onderzoek gedaan naar mogelijke eiwitten die verband houden met post-covid. Dit heten biomarkers. Dit onderzoek doet het RIVM samen met het Radboud UMC Universitair Medisch Centrum (Universitair Medisch Centrum) en Erasmus MC Erasmus University Medical Center (Erasmus University Medical Center). Daar meten onderzoekers bloedmonsters op zo’n duizend biomarkers. Dit onderzoek is gefinancierd door ZonMW Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie) en onderdeel van het Post-COVID Netwerk Nederland (PCNN)

Publicatie: