Op deze pagina staat actuele informatie over seksueel overdraagbare aandoeningen.
6-10-2026 Thermometer seksuele gezondheid
De Thermometer Seksuele Gezondheid presenteert de meest recente cijfers en trends van (seksueel overdraagbare aandoening)’s en seksuele gezondheid in Nederland, afkomstig van de Centra Seksuele Gezondheid (CSG’s).
In de eerste helft van 2026 zijn er in totaal 71.247 soa- en (pre-expositie profylaxisis)-consulten uitgevoerd bij de (Centrum Seksuele Gezondheid)’s. Vergeleken met de tweede helft van 2025 is het aantal consulten met 3% afgenomen. Dit komt bovenop de dalende trend die al sinds 2024 zichtbaar is.
Het soa-vindpercentage (percentage consulten met minstens één positieve soa-test: chlamydia, gonorroe, infectieuze syfilis, (Humaan Immunodeficientievirus) of infectieuze hepatitis B) was in de eerste helft van 2026 16,4%.
In deze periode kreeg 31% van de bezoekers bij de CSG’s een chlamydiatest. In totaal werden er 5.195 chlamydia-diagnoses gesteld. Door het veranderde chlamydia testbeleid namen de chlamydia-vindpercentages toe, en zijn deze alleen vergelijkbaar met 2025.
In de eerste helft van 2026 werden er 6.444 gonorroe-diagnoses gesteld bij de CSG’s. Vergeleken met de tweede helft van 2025 daalde het gonorroe-vindpercentage in alle groepen licht, maar het ligt nog steeds hoger dan voor 2022.
Microbiologische resistentie tegen ceftriaxon, het huidige voorkeursmiddel voor de behandeling van gonorroe, werd in Nederland voor het eerst in 2025 gerapporteerd. De behandeling met ceftriaxon bij deze persoon was alsnog succesvol.
In de eerste helft van 2026 werden 911 diagnoses van infectieuze syfilis gesteld. Het infectieuze syfilis-vindpercentage was bij (mannen die seks hebben met mannen)-soa en MSM-PrEP vergelijkbaar met eerdere jaren. Het vindpercentage was lager bij vrouwen, MSV, en genderdiverse personen.
In dezelfde periode werden 81 hiv-diagnoses gesteld bij de CSG’s, met stabiele vindpercentages bij MSM-soa, MSM-PrEP en genderdiverse personen vergeleken met eerdere jaren. Bij vrouwen en MSV bleef het vindpercentage laag, maar lag dit wel iets hoger dan vóór 2025.
Bekijk de Thermometer Seksuele Gezondheid.
19-06-2025 RIVM adviseert herstart landelijke campagne condoomgebruik
Het gebruik van anticonceptie en in het bijzonder condoomgebruik in Nederland neemt af in alle leeftijdsgroepen, ongeacht seksuele voorkeur. Deze zorgwekkende ontwikkeling op het vlak van de seksuele gezondheid leidt tot een toename in het risico op seksueel overdraagbare aandoeningen (soa). Het RIVM ziet sinds 2019 een toename in het (seksueel overdraagbare aandoening)-vindpercentage onder vrouwen- en heteromannen jonger dan 25 jaar, naast altijd al hogere cijfers onder mannen die seks hebben met mannen (MSM). De afname van (Humaan Immunodeficientievirus)-infecties in Nederland stagneert en eerder werd al aandacht gevraagd voor de stijging van het aantal gonorroe-infecties. Er is daarnaast een stijging van het aantal zwangerschapsafbrekingen.
Daarom heeft het RIVM onlangs aan het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport het advies uitgebracht te starten met een nieuwe landelijke, gerichte campagne om condoomgebruik en bewustwording te promoten. Klik hier voor de adviesbrief.
11-7-2024 Verandering testbeleid Chlamydia
Nieuwe LCI-richtlijn Chlamydia: voortaan alleen testen bij klachten
Het nieuwe draaiboek Consult Seksuele Gezondheid en de LCI-richtlijn voor chlamydia zijn beschikbaar. Het draaiboek en de richtlijn geven professionals in de Nederlandse seksuele gezondheidszorg informatie over het voorkómen, testen en behandelen van soa. De belangrijkste verandering is dat mensen vanaf 2025 alleen op chlamydia worden getest als zij ook klachten hebben. Of als zij gewaarschuwd zijn door een vaste partner die chlamydia heeft met klachten. Op dit moment krijgen mensen bij een centrum voor seksuele gezondheid van de (Gemeentelijke Gezondheidsdienst) standaard ook een test op chlamydia. Dit gebeurt ook als zij geen klachten hebben. Dat gaat veranderen.
Nieuwe inzichten over complicaties
De verandering komt omdat er de laatste jaren nieuwe wetenschappelijke inzichten zijn over de kans op het ontwikkelen van complicaties na een chlamydia-infectie. Zo blijkt dat de meeste chlamydia-infecties vanzelf overgaan, zonder blijvende negatieve gevolgen voor de gezondheid. Vooral bij mensen die chlamydia hebben zonder klachten. Het gaat dan bijvoorbeeld om complicaties zoals bekkenontsteking (PID) of verminderde vruchtbaarheid. Er is onvoldoende bewijs dat testen zonder klachten ervoor zorgt dat mensen op langere termijn minder complicaties krijgen na een chlamydia-infectie.
Testen en onnodig behandelen kan ook nadelen hebben. Zo dragen onnodige behandelingen bij aan bacteriën die ongevoelig (resistent) worden voor antibiotica. Een test kan daarnaast ook spanning geven. Het is dus belangrijk om alleen te testen als het ook echt bijdraagt aan gezondheid.
Overgang voorbereiden samen met betrokken professionals
De verandering in het testbeleid is niet van de ene op de andere dag realiteit. De invoering wordt zorgvuldig voorbereid. Dat gebeurt in nauwe samenwerking met GGD’en, huisartsen, Soa Aids Nederland en andere betrokken organisaties. De verwachting is dat het nieuwe testbeleid begin 2025 ingaat.
Effecten volgen
Om te kunnen zien wat de effecten van een nieuw testbeleid zijn op de verspreiding van chlamydia, is het belangrijk dit goed te volgen. Het RIVM volgt de ontwikkeling en verspreiding van verschillende soa in Nederland. Ook doet het RIVM onderzoek naar Chlamydia in Nederland, bijvoorbeeld via de Pecan studie. Daarnaast gaat het RIVM het komende jaar deze regulier soa-surveillance verder uitbreiden met surveillance op complicaties van chlamydia (en gonorroe).
(Multi(drug)resistentie) soa
Ook de multidisciplinaire richtlijn soa is op initiatief van de Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie (NVDV) herzien en de Nederlandse Vereniging van Medisch Microbiologen (NVMM). In de commissie die de richtlijn heeft opgesteld waren verschillende medische beroepsverenigingen vertegenwoordigd. Ook het RIVM en GGD-professionals zaten in de commissie.