Infectieziekten Bulletin, maart 2026
Auteurs
Louise de Vos Klootwijk (1,2), Candace Breman (3), Anja van der Schoor (1,2), Jean-Marie Brand (4), Leo Visser (5)
- GGD (Gemeentelijke Gezondheidsdienst) Haaglanden, afdeling Algemene Infectieziektebestrijding
- Academische werkplaats publieke gezondheid Lumens, Infectieziektebestrijding, Leiden en Den Haag.
- Hecht | GGD Hollands Midden, afdeling Seksuele Gezondheid
- GGD Haaglanden, afdeling Seksuele Gezondheid
- LUCID, Afdeling infectieziekte, Leiden Universitair Medisch Centrum, Leiden
Dit onderzoek werd mede mogelijk gemaakt door financiële steun van Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport vanuit gelden voor het programma ‘Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid GGD (Gemeentelijke Gezondheidsdienst)’en'. De financier was niet betrokken bij het opzetten van de studie, het verzamelen en analyseren van data, het besluit tot publicatie of het schrijven van het manuscript. Onze dank gaat uit naar de onderzoeksinfrastructuur en ondersteuning geboden door het Consortium Academische Werkplaatsen Publieke Gezondheid Infectieziekten (CAPI).
Samenvatting
Neisseria gonorrhoeae (Ng) is de afgelopen jaren sterk toegenomen onder jonge vrouwen in Nederland, maar de invloed van traditionele en gedragsmatige risicofactoren hierop is nog onduidelijk. Wij onderzochten trends en determinanten van Ng bij cisgender vrouwen van 18–24 jaar op twee Nederlandse Centra Seksuele Gezondheid (2018–2024). Ng-positiviteit steeg van 1,4% in 2018 naar 5,8% in 2024. Klassieke risicofactoren, zoals migratieachtergrond, opleidingsniveau en een co-infectie met chlamydia, waren in recente jaren (2023-2024) niet langer gerelateerd aan Ng. Daarentegen bleken partnernotificatie en gedragsfactoren —meer dan drie sekspartners, alcoholgebruik en orale seks — duidelijk samen te hangen met Ng. Deze verschuiving wijst op een bredere verspreiding van Ng in heteroseksuele netwerken en benadrukt de noodzaak van continue surveillance, partnernotificatie en gerichte preventiestrategieën.
Introductie
Neisseria gonorrhoeae (Ng[ignore]) is een van de meest voorkomende bacteriële soa’s in Nederland. Personen met een verhoogd risico op soa’s kunnen zich gratis laten testen bij de Centra Seksuele Gezondheid ([ignore]CSG). Sinds 2022 is het aantal gevonden Ng-infecties in deze centra sterk toegenomen onder jonge (<25 jaar) cisgender vrouwen en heteroseksuele mannen met een stijging van respectievelijk 2,3% naar 4,7% en van 2,4% naar 4,6% in de eerste helft van 2025. (1) Ook in de Nivel zorgregistraties bij huisartsen is een toename zichtbaar: het aantal gonorroe-episodes bij vrouwen van 20 tot en met 24 jaar steeg van 2,4 per 1000 inwoners in 2019 naar 3,4 en 3,2 per 1000 inwoners in 2023 en 2024. (2) Deze trend is ook in andere Europese landen zichtbaar. (3,4) Opvallend is dat er geen vergelijkbare stijging is in de prevalentie van Chlamydia trachomatis (Ct). Ng werd voorheen vooral gevonden bij mannen die (ook) seks hebben met mannen (MSM). Hoewel ook in deze groep het aantal gonorroe-infecties toeneemt, is de stijging onder cisgender vrouwen en heteroseksuele mannen aanzienlijk groter. (5,6) De risicofactoren die bijdragen aan deze trend zijn nog onvoldoende duidelijk. Mogelijke verklaringen voor deze stijging zijn verandering in seksueel gedrag, zoals een toename van het aantal partners en afnemend condoomgebruik. (3) Ook het opheffen van COVID-19-beperkingen en de mogelijke invloed hiervan op seksueel gedrag kan van invloed zijn. In dit onderzoek hebben wij ons gericht op de stijging bij vrouwen.
Ng-infecties bij vrouwen verlopen vaak asymptomatisch en kunnen onbehandeld in sommige gevallen leiden tot klinische complicaties. Daarnaast is er blijvende transmissie naar sekspartners, wat een risico vormt gezien de stijgende antibioticaresistentie. Inzicht in risicofactoren die samenhangen met een Ng-diagnose bij vrouwen is daarom essentieel om preventie- en teststrategieën te optimaliseren.
Een recente studie uit Amsterdam liet zien dat het aantal Ng-infecties na het beëindigen van de lockdown sterk is toegenomen ten opzichte van daarvoor, maar dat de dynamiek per doelgroep verschilde. (6) Bij cisgender mannen die uitsluitend seks hadden met vrouwen werd deze toename gekoppeld aan risicogedrag, zoals een groter aantal seksuele partners en inconsistent condoomgebruik. Bij vrouwen daarentegen nam het relatieve risico op een Ng-infectie toe, ongeacht veranderingen in seksueel gedrag. Dit suggereert dat bij vrouwen andere risico- of sociaaldemografische factoren een rol spelen.
Dit onderzoek richt zich op de stijging van Ng onder jonge cisgender vrouwen. We analyseren of de relatie tussen sociaaldemografische en gedragsgerelateerde factoren en Ng onder vrouwen <25 jaar sinds 2018 is veranderd, en brengen in kaart welke factoren op dit moment het meest van invloed zijn.
Methode
Deze retrospectieve, herhaalde cross-sectionele studie is uitgevoerd op basis van gegevens van twee GGD-en in de provincie Zuid-Holland: Centrum Seksuele Gezondheid (CSG) Haaglanden en team Seksuele Gezondheid Hollands Midden. De data zijn afkomstig uit de nationale soa (seksueel overdraagbare aandoening)-surveillancedatabase (SOAP), waarin routinematig gegevens worden verzameld van alle soa-consulten bij CSG (Centrum Seksuele Gezondheid)’s in Nederland. Voor deze studie hebben we gegevens van 1 januari 2018 tot en met 31 december 2024 geïncludeerd, aangezien de registratie van condoomgebruik vanaf 2018 is aangepast. De onderzoekspopulatie zijn cisgender vrouwen van 18 tot 25 jaar en die zijn getest op Ng en Ct. Indien een vrouw meerdere consulten in de onderzoeksperiode had, zijn deze als aparte observaties meegenomen. Consulten van sekswerkers en slachtoffers van seksueel geweld zijn uitgesloten omdat voor hen een andere ingang tot zorg en een uitgebreider testbeleid geldt. De geëxtraheerde SOAP (Seksueel Overdraagbare Aandoeningen Peilstation)-data bevatten sociaaldemografische, gedrags- en soa-gerelateerde gegevens. Ng en/of Ct-diagnose is gedefinieerd als een positieve anorectale, orofaryngeale of urogenitale testuitslag en is vastgesteld met behulp van nucleïnezuur-amplificatietesten in geaffilieerde ziekenhuislaboratoria (LUMC, Groene Hart Ziekenhuis, en HMC Westeinde).
De gegevens zijn volledig geanonimiseerd verkregen en afkomstig uit de routinematige registratie voor het nationale surveillancesysteem voor soa's. Hierdoor was een volledige ethische review en individuele toestemming van de cliënt niet vereist, conform goedkeuring door de Medisch Ethische Commissie van de Universiteit Leiden (nWMODIV2_2024040).
Statistische analyse
Voor elk jaar werd een beschrijvende analyse uitgevoerd van de sociaaldemografische kenmerken, gedragsfactoren en soa-gerelateerde risicofactoren binnen de onderzoekspopulatie. Ng-positiviteit per jaar is berekend als het percentage consulten met een positieve Ng-diagnose. De associatie tussen de verschillende risicofactoren en Ng is onderzocht met een negatieve binomiale regressie. Om te beoordelen of deze associaties in de loop der tijd veranderen, is een interactieterm voor tijd (in jaren) toegevoegd. De modellen met en zonder interactieterm zijn vergeleken met behulp van een Likelihood ratio test. Voor het identificeren van onafhankelijke factoren die sinds de Covid-19-pandemie samenhangen met Ng-diagnose werden zowel univariabele als multivariabele logistische regressieanalyses uitgevoerd met data van 2023 en 2024. Variabelen met een p-waarde <0,10 werden opgenomen in het multivariabele model, dat is gecontroleerd op multicollineariteit. Consulten met missende waarden zijn uitgesloten van uni- en multivariabele analyses. Minder dan 5% van de consulten had missende observaties. Alle analyses zijn uitgevoerd met R-software (versie 4.3.3). Resultaten worden gerapporteerd als mediaan met interkwartielafstand (IQR 1–3), odds ratio’s (OR’s) en gecorrigeerde odds ratio’s (aOR’s) met 95%-betrouwbaarheidsintervallen (BI) en p-waarden. Statistische significantie is gedefinieerd als p < 0,05.
Resultaten
Tussen 1 januari 2018 en 31 december 2024 hebben 24.630 vrouwen zich laten testen, 17.837 consultaties vonden plaats bij CSG Den Haag en 6.793 bij CSG Hollands Midden. De mediane leeftijd was 22 jaar (IQR: 20 - 23) en het merendeel van de vrouwen was theoretisch opgeleid (64%) en had geen migratieachtergrond uit een soa-endemisch gebied (79%). (Tabel 1) Gedragsdeterminanten zoals condoomgebruik en alcohol- of drugsgebruik veranderden weinig over de jaren heen bij CSG-bezoekers. Wel zien wij in 2022 en 2023 een stijging van het percentage vrouwen dat meer dan drie sekspartners had. Het percentage positieve Ng-testen steeg van 1,4% in 2018 naar 5,8% in 2024. De odds op een Ng-diagnose waren in 2023 en 2024 4.5 keer zo hoog als in 2018. (Tabel 2)
Tabel 1: Sociaaldemografische en gedragsdeterminanten van cisgender vrouwen <25 jaar die zijn getest bij het Centrum Seksuele Gezondheid van GGD Haaglanden en Hollands Midden, van 1 januari 2018 tot 31 december 2024.
Tabel 2. Veranderingen in Ng positiviteit onder alle cisgender vrouwen, Centrum Seksuele Gezondheid van GGD Haaglanden en Hollands Midden, van 1 januari 2018 tot 31 december 2024.
Verandering in de associatie tussen sociaaldemografische factoren, risicofactoren en Ng
Univariabele analyses, gecorrigeerd voor tijd, toonden dat de associatie met Ng in de periode 2018-2024 constant is gebleven voor leeftijd, een zelf gerapporteerde bacteriële soa in het afgelopen jaar, inconsistent condoomgebruik, drugsgebruik voor en/of tijdens de seks, anale seks en orale seks. De odds ratio voor leeftijd was 0,85 (95%BI 0,81-0,89). Vrouwen die een geschiedenis van een bacteriële soa (OR=1,51, 95%BI 1,20-1,87) en orale seks (OR=1,74, 95%BI 1,31-2,36) rapporteerden, hadden consistent een verhoogd risico op Ng. Inconsistent condoomgebruik, drugsgebruik en anale seks waren daarentegen niet geassocieerd met een verhoogde kans op Ng .(Tabel 3)
Tabel 3. Determinanten met een constant effect op Ng-diagnose 2018-2024, Centrum Seksuele Gezondheid van GGD Haaglanden en Hollands Midden, van 1 januari 2018 tot 31 december 2024
De relatie tussen verschillende factoren en Ng veranderde in de periode 2018–2024 (zie Tabel 4):
Tabel 4: Het effect van socio-demografische en gedragsdeterminanten op de kans op een Ng-diagnose over de tijd, Centrum Seksuele Gezondheid van GGD Haaglanden en Hollands Midden, van 1 januari 2018 tot 31 december 2024
- Opleidingsniveau:
Tot en met 2022 hadden vrouwen met een praktisch opleidingsniveau een aanzienlijk grotere kans op Ng dan vrouwen met een theoretisch opleidingsniveau (OR’s variërend van 2,14 tot 4,65). Vanaf 2023 verdween dit verschil (2023: OR = 0,99, 95% BI 0,75–1,29; 2024: OR = 1,26, 95% BI 0,95–1,68). - Migratieachtergrond uit een soa-endemisch gebied:
In 2018 hadden vrouwen met een migratieachtergrond uit een soa-endemisch gebied een sterk verhoogde kans op Ng (OR = 5,15, 95% BI 2,82–9,41), maar dit effect verdween vanaf 2023 (2023: OR = 0,72, 95% BI 0,51–1,03; 2024: OR = 0,79, 95% BI 0,55–1,14). - Co-infectie met Ct:
Tot 2022 was co-infectie met Ct een duidelijke risicofactor voor Ng (OR’s tussen 2,11 en 6,48), maar dit effect nam af in 2023 (OR = 1,18, 95% BI 0,86–1,61) en was in 2024 nog beperkt aanwezig (OR = 1,78, 95% BI 1,28–2,47). - Partner uit een soa-risicogroep:
Tot en met 2021 hadden vrouwen met een partner uit een soa-risicogroep een verhoogde kans op Ng (OR’s tussen 2,04 en 3,90); vanaf 2022 was deze associatie niet meer aanwezig. - Door partner geïnformeerd over een soa:
Vanaf 2022 hadden vrouwen die door een partner waren geïnformeerd over een soa een verhoogd risico op Ng. In 2024 was het effect het sterkst (OR = 3,28, 95% BI 2,34–4,59). - Soa-gerelateerde klachten:
In 2018 was het hebben van soa-gerelateerde klachten een risicofactor voor Ng (OR = 3,11, 95% BI 1,69–5,71), maar dit effect nam geleidelijk af en was in 2024 niet meer aanwezig. - Meer dan drie sekspartners:
In 2018 en 2019 hadden vrouwen met meer dan drie sekspartners in de afgelopen zes maanden juist een lagere kans op Ng (2018: OR = 0,49, 95% BI 0,26–0,94; 2019: OR = 0,48, 95% BI 0,28–0,85). Vanaf 2023 keerde dit om en hadden zij juist een verhoogd risico (2023: OR = 1,45, 95% BI 1,06–1,88; 2024: OR = 1,50, 95% BI 1,13–2,00). - Alcoholgebruik:
Tussen 2018 en 2022 was alcoholgebruik geen risicofactor (OR’s tussen 0,35 en 0,75), maar vanaf 2023 gaf alcoholgebruik wel een verhoogd risico op Ng (2023: OR = 1,63, 95% BI 1,24–2,14; 2024: OR = 1,36, 95% BI 1,01–1,84).
Factoren geassocieerd met Ng in 2023-2024
Uit de univariabele analyse voor 2023–2024 kwamen de volgende factoren naar voren voor opname in het multivariabele model: leeftijd, migratieachtergrond uit een soa-endemisch gebied, co-infectie met Ct, door een sekspartner geïnformeerd zijn over een soa, soa-gerelateerde klachten, een partner uit een soa-risicogroep, meer dan drie sekspartners, alcoholgebruik voor en/of tijdens seks, en orale seks. Na correctie bleven vijf factoren significant geassocieerd met Ng (zie Tabel 5):
Tabel 5. Multivariabele analyse van determinanten van een Ng-diagnose in 2023 en 2024, Centrum Seksuele Gezondheid van GGD Haaglanden en Hollands Midden, van 1 januari 2023 tot 31 december 2024 (N = 7632).
- Leeftijd:
Jongere vrouwen hadden een groter risico op Ng; de kans daalde met circa 10% per levensjaar (aOR = 0,90; 95% BI 0,84–0,95). - Door sekspartner geïnformeerd over een soa:
Vrouwen die door een sekspartner waren geïnformeerd over een soa hadden ruim tweeënhalf keer zoveel kans op Ng (aOR = 2,52; 95% BI 1,99–3,16). - Meer dan drie sekspartners in de afgelopen zes maanden:
Dit verhoogde het risico op Ng (aOR = 1,32; 95% BI 1,08–1,61). - Alcoholgebruik voor en/of tijdens seks:
Dit was eveneens geassocieerd met een verhoogd risico op Ng (aOR = 1,31; 95% BI 1,06–1,63 - Orale seks:
Ook orale seks ging gepaard met een verhoogde kans op Ng (aOR = 1,82; 95% BI 1,24–2,78).
Discussie
Deze studie laat zien dat de absolute kans op Ng bij jonge cisgender vrouwen die de Centra Seksuele Gezondheid in deze regio bezochten in de periode 2018-2024 aanzienlijk is gestegen. Traditionele risicofactoren, zoals migratieachtergrond uit een soa-endemisch gebied, praktisch opleidingsniveau, een partner uit een soa-risicogroep en een co-infectie met Ct, die vóór 2023 sterke associaties lieten zien, blijken in de meest recente jaren niet langer geassocieerd met Ng. Dit wijst op structurele veranderingen: Ng concentreert zich minder binnen specifieke subpopulaties en heeft zich verspreid naar bredere heteroseksuele netwerken. In 2023-2024 kwamen daarentegen gedrags- en netwerkfactoren, zoals jongere leeftijd, partnernotificatie, meer dan drie sekspartners, alcoholgebruik en orale seks naar voren als de belangrijkste risicofactoren.
Onze bevindingen sluiten deels aan bij een recente studie uit Amsterdam, waarin is beschreven dat de kans op Ng bij vrouwen in de tijd toe is genomen, ongeacht veranderingen in seksueel gedrag. (6) Ook wij zagen een stijging van de absolute kans op Ng in vrijwel alle subgroepen. Net als in de Amsterdamse studie zien wij dat het hebben van meerdere seksuele partners een belangrijke risicofactor blijft. Opvallend is dat wij eveneens een afname zagen in de voorspellende waarde van klachten: waar klachten aanvankelijk sterk met Ng geassocieerd waren, is dit effect in recente jaren vrijwel verdwenen. Een Deense studie suggereerde dat dit mogelijk samenhangt met nieuwe Ng-stammen die mildere symptomen veroorzaken, al is dit nog niet bewezen. (4) Een alternatieve verklaring is dat het melden van klachten, vooral tijdens periodes met beperkte testcapaciteit, strategisch wordt gebruikt om toegang tot zorg te krijgen. Hierdoor neemt de klinische waarde van klachten als indicator voor een daadwerkelijke Ng-infectie af. In tegenstelling tot de bevindingen in Amsterdam zien wij dat de relatie tussen Ng en drugsgebruik, inconsistent condoomgebruik of een eerdere soa over de tijd onveranderd is gebleven. Dit verschil kan mogelijk verklaard worden door verschillen in dataverzameling (we gebruikten andere databronnen) en door mogelijk meer onderrapportage van risicofactoren in onze regio, waardoor het effect op Ng minder zichtbaar is.
De verschuiving in risicoprofiel suggereert dat Ng zich in de afgelopen jaren breder heeft verspreid binnen heteroseksuele netwerken, onafhankelijk van sociaaldemografische kenmerken. Dit verklaart waarom traditionele determinanten hun voorspellende waarde hebben verloren. Opvallend is dat alcoholgebruik vanaf 2023 een duidelijke risicofactor werd, ondanks dat het algemene alcoholgebruik onder CSG-bezoekers in de tijd nauwelijks veranderde. Dit kan erop wijzen dat Ng zich heeft verspreid naar populaties waar meer alcohol wordt gedronken, zoals universitaire studentenpopulaties. (8) Dit wordt ondersteund door de bevinding dat sinds 2023 het risico op Ng niet langer verschilt tussen theoretisch en praktisch opgeleiden. Alcoholgebruik kan het beslissingsproces beïnvloeden en leiden tot risicovoller seksueel gedrag. Dit sluit aan bij onze bevinding dat Ng geassocieerd is met het hebben van meer sekspartners. Het mediane aantal sekspartners onder CSG-bezoekers bleef gelijk, maar het aandeel bezoekers met meer dan drie partners was in 2022 en 2023 wel opvallend hoger. Een andere belangrijke bevinding is dat vrouwen die door een partner werden geïnformeerd over een soa in recente jaren een aanzienlijk hoger risico hadden op Ng. Dit kan niet worden verklaard door een absolute toename in partnernotificaties, aangezien het aandeel vrouwen dat werd geïnformeerd juist afnam sinds 2022. Het benadrukt de centrale rol van transmissienetwerken en de noodzaak van het uitvoeren van partnermanagement door GGD-en.
Een sterkte van deze studie is het gebruik van grootschalige surveillancegegevens uit twee regio’s over meerdere jaren en met weinig missende observaties, wat robuuste trendanalyses mogelijk maakt. Een limitatie is dat CSG-bezoekers slechts een selecte groep vormen op basis van triagecriteria, waardoor resultaten mogelijk niet volledig generaliseerbaar zijn. Bij huisartsen is de incidentie van gonorroe echter ook toegenomen, wat past bij een bredere verspreiding in de populatie. Een deel van de data is verzameld tijdens de COVID-19-pandemie, toen strengere triagecriteria golden. In onze analyses zien we echter nauwelijks veranderingen in risicogedrag in deze jaren. Daarnaast is de dataset groot genoeg is om trends met hoge precisie te modelleren. Daarmee achter wij de invloed van de COVID-periode op de resultaten beperkt. Verder is zelfrapportage gevoelig voor recall- en sociale wenselijkheidsbias. Ook kunnen niet-gemeten determinanten een rol hebben gespeeld in de waargenomen trends.
Dat in recente jaren vooral risicogedrag – zoals alcoholgebruik, meerdere sekspartners en orale seks - geassocieerd is met Ng, terwijl demografische kenmerken en klachten minder sterk correleren, onderstreept het belang van gerichte preventiestrategieën die ook asymptomatische vrouwen bereiken. Dit vraagt om versterking van seksuele gezondheidsvoorlichting en laagdrempelige, vroege screening. Innovatieve initiatieven met snelle doorlooptijd en brede toegankelijkheid, kunnen hierbij een belangrijke rol vervullen. Voortdurende surveillance en meer onderzoek naar Ng-infecties zijn essentieel, naast verdere versterking van preventieve maatregelen. Daarnaast is het van belang de rol van jonge heteroseksuele mannen in de transmissieketen beter te begrijpen.
Samenvattend laten onze resultaten zien dat het risico op Ng onder jonge cisgender vrouwen in Nederland de afgelopen jaren is verschoven van specifieke sociaaldemografische groepen naar een bredere heteroseksuele populatie. Het is belangrijk dat preventiestrategieën blijvend breed ingezet worden binnen de populatie.
- Thermometer seksuele gezondheid Oktober 2025: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu; 2025
- Nivel Kennis voor betere zorg. Nivel-cijfers Ziekten op jaarbasis in Nederland - incidentie en prevalentie - Uit de registraties van Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn. Utrecht: Nivel [Geraadpleegd: 28 november 2025].
- Nerlander L, Champezou L, Gomes Dias J, Aspelund G, Berlot L, Constantinou E, et al. Sharp increase in gonorrhoea notifications among young people, EU (Europese Unie)/EEA, July 2022 to June 2023. Euro Surveill. 2024;29(10):2400113.
- Pedersen TR, Wessman M, Lindegaard M, Hallstrøm S, Westergaard C, Brock I, et al. Gonorrhoea on the rise in Denmark since 2022: distinct clones drive increase in heterosexual individuals. Eurosurveillance. 2024;29(7).
- El-Jobouri R KL, Visser M, Sarink D, Op de Coul ELM, Alexiou ZW, van Bergen I, de Vries A, Chanamé Pinedo LE, Bulsink K, van Bokhoven-Rombouts C, Vanhommerig JW, van Sighem AI, van Benthem BHB. Sexually transmitted infections in the Netherlands in 2024. Bilthoven: RIVM; 2025. Report No.: 2025-0009.
- Teker B, Schim van der Loeff MF, Boyd A, Hoornenborg E, Stam AJ, de Vries HJC, et al. Increase in Neisseria gonorrhoeae infections after ending COVID-19 lockdown measures in Amsterdam, the Netherlands. Sex Transm Infect. 2025;101(3):152-9.
- ECDC (European Centre for Disease Prevention and Control). European Centre for Disease Prevention and Control. Gonorrhoea. Stockholm: ECDC; 2025.
- Evers YJ, Op Den Camp KPL, Lenaers M, Dukers-Muijrers NHTM, Hoebe CJPA. Alcohol and drug use during sex and its association with sexually transmitted infections: a retrospective cohort study among young people aged under 25 years visiting Dutch STI (Sexually transmitted infection) clinics. Sexually Transmitted Infections. 2022:sextrans-2021-0.
- Strandberg A, Skoglund C, Gripenberg J, Kvillemo P. Alcohol and illicit drug consumption and the association with risky sexual behaviour among Swedish youths visiting youth health clinics. Nordic Studies on Alcohol and Drugs. 2019;36(5):442-59.
- Khadr SN, Jones KG, Mann S, Hale DR, Johnson AM, Viner RM, et al. Investigating the relationship between substance use and sexual behaviour in young people in Britain: findings from a national probability survey. BMJ Open. 2016;6(6):e011961.
- Gómez-Núñez MI, Molla-Esparza C, Gandia Carbonell N, Badenes Ribera L. Prevalence of Intoxicating Substance Use Before or During Sex Among Young Adults: A Systematic Review and Meta-Analysis. Arch Sex Behav. 2023;52(6):2503-26.
Infectieziekten Bulletin - maart 2026
- Van een vliegende start naar spiegels voorhouden en terug naar het normale
- Wonderlijke vraag: Moet je gezichtscrème weggooien als je schurft hebt?
- Een snelle en doeltreffende uitbraakrespons door een sterk GGD-netwerk
- Vaccinaties in de huisartsenpraktijk – trends en indicaties
- Tijdstrends en huidige risicofactoren voor gonorroe onder jonge cisgender vrouwen in Nederland (2018–2024): een retrospectieve studie