Het aantal mensen met de ziekte van Parkinson neemt toe. Elke dag krijgen in Nederland 10 mensen de diagnose parkinson. Over de oorzaken is nog veel onduidelijk. Er zijn zorgen over de invloed van de leefomgeving, waaronder blootstelling aan chemische bestrijdingsmiddelen. In buitenlands onderzoek is een verband aangetoond tussen het werken met bepaalde bestrijdingsmiddelen en parkinson bij boeren en tuinders. Of er ook een risico is voor omwonenden, weten we niet. Daar is nog maar heel weinig onderzoek naar gedaan. Verder is de situatie in Nederland anders dan in andere landen. Nederland heeft veel intensieve land- en tuinbouw en veel mensen wonen daar dichtbij.
Onderzoek 1: Vergelijking blootstelling patiënten met controlegroep (op meerdere plekken in Nederland)
Looptijd (verwacht): oktober 2023-najaar 2030
In dit onderzoek wordt samen met patiënten die parkinson hebben in kaart gebracht of en hoe zij in contact zijn gekomen met bestrijdingsmiddelen. Het gaat bijvoorbeeld om het inademen van lucht of huisstof, het aanraken van grond of stof waar resten van bestrijdingsmiddelen inzitten, het eten van behandelde groente of fruit of het uitvoeren van een beroep in de landbouw. Dit heet blootstelling aan bestrijdingsmiddelen.
Hoe wordt dit onderzocht?
Onderzoekers kijken of er verschillen zijn in blootstelling aan bestrijdingsmiddelen tussen mensen met parkinson en mensen zonder deze ziekte. Zo kan de rol van blootstelling aan bestrijdingsmiddelen in het ontstaan en de ontwikkeling van parkinson worden onderzocht. De onderzoekers vragen in ziekenhuizen aan patiënten die een parkinson-diagnose krijgen om mee te doen. In dezelfde ziekenhuizen worden ook mensen zónder parkinson gevraagd mee te doen, maar die zoveel mogelijk lijken op de patiënten mét parkinson wat betreft leeftijd en geslacht.
Beide groepen krijgen de vraag om een aantal vragenlijsten in te vullen en een beetje bloed te laten onderzoeken. Ook wordt hen gevraagd twee weken lang een polsbandje te dragen. Dit polsbandje legt vast wat de persoonlijke blootstelling aan bestrijdingsmiddelen in deze periode is . Ook wordt er gevraagd wat voor werk de patiënt doet en of er blootstelling aan bestrijdingsmiddelen kan zijn op het werk.
Dit deelonderzoek bepaalt voor beide groepen de totale blootstelling aan bestrijdingsmiddelen uit de omgeving. Dus van alle plekken waar deelnemers hebben gewoond. Dit gebeurt met het rekenmodel dat is ontwikkeld in deelonderzoek 2.
Dit onderzoek maakt deel uit van een groter onderzoek (PD-PEST) naar de rol van verschillende omgevingsfactoren in het ontstaan en de ontwikkeling van parkinson.
Onderzoek 2: Landelijk onderzoek naar verband tussen parkinson en blootstelling aan bestrijdingsmiddelen in de woonomgeving (cohortonderzoek).
Looptijd (verwacht): oktober 2023-eind 2027
Het tweede onderzoek naar parkinson richt zich op de groep patiënten met parkinson die in de buurt van land- en tuinbouw wonen of gewoond hebben. Onderzoekers gaan na of er bij deze patiënten een verband is tussen blootstelling aan bestrijdingsmiddelen en het ontstaan van parkinson.
Hoe wordt dit onderzocht?
Het onderzoek brengt eerst in kaart wie tussen 2017 en 2023 parkinson heeft gekregen. De onderzoekers gebruiken hiervoor gegevens uit verschillende Nederlandse gezondheidsregistraties zoals: de Landelijke Basisregistratie Ziekenhuiszorg en Vektis. Deze registraties gaan over medicijngebruik, ziekenhuisopnames en ander zorggebruik. Ook wordt de doodsoorzakenstatistiek van het CBS gebruikt.
Met deze gegevens analyseren de onderzoekers of parkinson vaker voorkomt bij bepaalde groepen. Hiervoor wordt het rekenmodel gebruikt dat eerder is ontwikkeld binnen OBO-2. Alle analyses gebeuren binnen de beveiligde digitale omgeving van het CBS.
De onderzoekers beperken zich tot landelijke gebieden in Nederland om een goede vergelijking te kunnen maken tussen mensen met en zonder blootstelling aan bestrijdingsmiddelen. Het gaat om mensen van 40 jaar en ouder omdat bijna alle nieuwe gevallen van parkinson in die leeftijdsgroep worden gezien.
Resultaten online in te zien
De resultaten en conclusies van beide onderzoeken naar de ziekte van Parkinson worden online gepubliceerd, onder andere op rivm.nl. De informatie is beschikbaar in het Nederlands en in het Engels.
De eerste rapportage over onderzoek 1 wordt eind 2028 verwacht. Dit is een tussentijds rapport. Hierin staat hoe het patiënt-controleonderzoek is opgezet en hoe de gegevens zijn geanalyseerd. In de loop van 2030 komt het eindrapport online. In dat rapport staat de vraag centraal of er verschillen zijn in blootstelling aan bestrijdingsmiddelen tussen mensen met parkinson en mensen zonder deze ziekte.
Het eerste rapport over onderzoek 2 wordt begin 2027 verwacht. Dit is een tussentijds rapport. Het gaat in op de relatie tussen de gewassen, het gebruik van werkzame stoffen (de actieve ingrediënten in bestrijdingsmiddelen) en parkinson. Eind 2027 komt het eindrapport van dit deelproject online. Dat rapport gaat in op de vraag of er een verband is tussen het in contact komen met bestrijdingsmiddelen en het krijgen van parkinson. Daarbij wordt gekeken naar berekende concentraties van werkzame stoffen en combinaties van bestrijdingsmiddelen rondom de woning.
Parkinson op de kaart
Begin 2026 kwamen de resultaten beschikbaar van een grootschalig onderzoek van Universiteit Utrecht en (Radboud University Medical Centre) naar het aantal nieuwe patiënten en verspreiding van parkinson in Nederland tussen 2017 en 2022. Daaruit bleek dat de ziekte van Parkinson vaker voorkomt bij personen met een hogere sociaaleconomische positie, en in de noordelijke provincies van Nederland. In de zuidelijke provincies komt minder parkinson voor. Mannen lopen een groter risico dan vrouwen, en het risico neemt toe met de leeftijd, met een piek tussen 75 en 85 jaar.
De Parkinson-onderzoeken binnen OBO-2 gaan nieuwe kennis bieden over het in contact komen met bestrijdingsmiddelen en het ontstaan van parkinson en bieden daarmee een belangrijke aanvulling op het eerder onderzoek van de Universiteit Utrecht en Radboudumc.
Parkinson op de kaart
Begin 2026 kwamen de resultaten beschikbaar van een grootschalig onderzoek van Universiteit Utrecht en (Radboud University Medical Centre) naar het aantal nieuwe patiënten en verspreiding van parkinson in Nederland tussen 2017 en 2022. Daaruit bleek dat de ziekte van Parkinson vaker voorkomt bij personen met een hogere sociaaleconomische positie, en in de noordelijke provincies van Nederland. In de zuidelijke provincies komt minder parkinson voor. Mannen lopen een groter risico dan vrouwen, en het risico neemt toe met de leeftijd, met een piek tussen 75 en 85 jaar.
De Parkinson-onderzoeken binnen OBO-2 gaan nieuwe kennis bieden over het in contact komen met bestrijdingsmiddelen en het ontstaan van parkinson en bieden daarmee een belangrijke aanvulling op het eerder onderzoek van de Universiteit Utrecht en Radboudumc.