Nederland werkt samen met Denemarken, Duitsland, Noorwegen en Zweden aan een voorstel voor een Europees verbod op PFAS. Zo'n verbod wordt ook wel restrictie genoemd. De landen maken dit restrictievoorstel om de risico’s van de stoffen voor mens en milieu te beperken. Het voorstel richt zich op de hele groep van PFAS stoffen om vervanging van de ene PFAS door een andere te voorkomen. 

 

Doel van het restrictievoorstel is uiteindelijk een verbod op het gebruik van deze stoffen. Voor een goed restrictievoorstel is het belangrijk om over zoveel mogelijk informatie te beschikken. In mei 2020 zijn bedrijven en stakeholders uitgenodigd om informatie over de gevaarseigenschappen en het gebruik van PFAS in te sturen. Op dit moment behandelen de organisaties die werken aan het voorstel die informatie. Het is een lang en intensief traject om te komen tot een voorstel. We houden u graag op de hoogte over de voortgang van het restrictiedossier via deze website. 

Van intentie naar voorstel tot besluitvorming

Er zijn vier fasen te onderscheiden in het proces tot een verbod op het gebruik van PFAS. De eerste stap is het voorbereiden en het indienen van een restrictievoorstel. Het ministerie van I&WMinisterie van Infrastructuur & Waterstaat en het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu werken samen met de partnerorganisaties van de betrokken lidstaten om een zo goed mogelijk voorstel te maken. Hiervoor wordt wetenschappelijke literatuur geraadpleegt en op verschillende momenten informatie ingewonnen. Het uiteindelijke voorstel wordt ingediend bij ECHAEuropean Chemicals Agency. Daarna start een openbare raadpleging en stellen de wetenschappelijke comités van ECHA hun advies op (het RACRisk Assessment Committee en het SEACSocio-Economic Assessment Committee). In de laatste fase besluiten de Europese lidstaten of het voorstel wordt aangenomen. 

Op de website van de ECHA staat dit proces uitgeschreven en toegelicht. 

Tijdlijn verbod op het gebruik van PFAS