Op deze pagina beschrijven we de aanpak voor het kwartaalonderzoek onder jongeren. Voor de vijfde ronde gebruikten we 2 databronnen: een peiling onder jongeren en gegevens van huisartsen. 

Verzamelen data

De peiling is door I&O Research uitgevoerd in opdracht van het Netwerk GOR. Steekproefselectie en het verzamelen van data voor meetronde 5 liep van 5 tot en met 7 september 2022. In totaal zijn 3.528 I&O Research-panelleden benaderd (16 – 25 jaar). Daarnaast zijn ook 3.021 panelleden met thuiswonende kinderen gevraagd om mee te doen. Wanneer ouders toestemming gaven voor hun kind(eren) om deel te nemen, konden zij de vragenlijst delen met hun kind(eren). Na de kwaliteitschecks om de dataset op te schonen hadden we 4.608 ingevulde vragenlijsten van jongeren (12 – 25 jaar) die meededen aan meetronde 5.   

Meetronde

Afnameperiode

Deelnemers (N)

Ronde 1

20 september – 7 oktober 2021

4.807

Ronde 2

7 – 27 december 2021

4.751

Ronde 3 1 - 17 maart 2022 5.826
Ronde 4 25 mei - 7 juni 2022 4.179
Ronde 5 5-20 september 2022 4.608

De resultaten uit eerdere metingen zijn te vinden op deze pagina.  

Deelnemers meetronde 5

In de onderstaande tabel is de respons van de groep deelnemers van meetronde 5 uitgesplitst naar de achtergrondkenmerken leeftijd, geslacht en opleidingsniveau.

    Verhouding %
Leeftijd 12-17 jaar 34%
  18-25 jaar  66%
Geslacht Jongen/man 38%
  Meisje/vrouw 61%
  Anders/wil niet zeggen 1%
Opleidingsniveau Laag 9%
  Midden 22%
  Hoog 70%

De meerderheid (74%) bij hun ouder(s). De meeste deelnemers (23,5%) wonen in Zuid-Holland. De provincies Drenthe (2%) en Flevoland (2,3%) zijn het minst vertegenwoordigd. 

Materiaal 

De dataverzameling vond online plaats met een geprogrammeerde vragenlijst. Deze vragenlijst is opgesteld door Netwerk GOR en bestond uit verschillende vragen met uiteenlopende antwoordcategorieën. De volgende onderwerpen kwamen aan bod:  

Representativiteit en weegfactor

De steekproef is disproportioneel uitgezet naar provincie. Dit betekent dat elke provincie voldoende vertegenwoordigd is, ongeacht de omvang van de provincie. We probeerden minimaal 200 deelnemers per provincie te vinden. Na de dataverzameling hebben we gecorrigeerd voor afwijkingen in representativiteit door weegfactoren toe te kennen op basis van geslacht, leeftijd, regio en opleidingsniveau; daarna vergeleken we de steekproefsamenstelling met de populatiesamenstelling (afkomstig uit de ‘Gouden Standaard’ van het Centraal Bureau van de Statistiek). 

Data-analyse

Op de website staan gewogen cross-sectionele cijfers gepresenteerd. Waar mogelijk vullen we dit aan met trendgrafieken. Trendfiguren laten zien hoe de mentale en fysieke gezondheid van de bevolking zich ontwikkelt tijdens de coronapandemie. We laten trendgrafieken zien bij alle onderwerpen waarvan we al 3 of meer rondes op dezelfde manier gegevens verzamelen. Zo geven we inzicht in hoe de Nederlandse jeugd rapporteerde op mentale en fysieke gezondheid en hulpbehoefte. 

We onderzochten welke factoren samenhangen met een verhoogde kans op negatieve gevolgen voor de gezondheid en het welzijn van jongeren. We keken ook of er factoren zijn die juist beschermend werken tegen negatieve gezondheidsgevolgen. Dit deden we met multivariabele regressies. In deze analyses keken we naar de mogelijke invloed van sociaal-demografische kenmerken (geslacht, leeftijd, opleidingsniveau), of deelnemers nog last hadden van corona-gerelateerde meegemaakte gebeurtenissen en sociale activiteiten. Daarbij worden meerdere factoren tegelijk meegewogen. We kijken dus niet alleen of eenzaamheid invloed heeft op mentale gezondheid, maar bekijken of eenzaamheid nog steeds belangrijk is als je ook meegemaakte gebeurtenissen en vertrouwen in de toekomst meeweegt. Eerdere rondes deden we dit al voor de verhoogde kans op suïcidegedachten. Vanaf de ronde van juni 2022 doen we dit voor alle onderwerpen. Gezien de grootte van de steekproef hebben we een significantieniveau van 0,1% aangehouden (p < .001). Voor posttraumatische stress stoornis hebben we een ruimer significantieniveau aangehouden (p < .05), omdat deze vragen door minder dan 650 deelnemers zijn ingevuld. 

We hebben gecontroleerd of variabelen te sterk met elkaar samenhingen om tegelijkertijd mee te kunnen nemen in een multivariabele regressie. Dat is bijvoorbeeld zo voor leeftijd en woonsituatie: een 13-jarige woont bijna altijd thuis, pas vanaf 18 jaar wonen jongeren vaak niet bij de ouders. Voor een betrouwbare analyse hebben we woonsituatie daarom niet opgenomen. Daarnaast hebben we leeftijd en geslacht weggelaten uit de analyse voor alle onderwerpen die gaan over mentale gezondheid. Dit was nodig omdat er te grote overlap was in de groepen meisjes en 18- tot 25-jarigen in het vaker hebben van mentale gezondheidsgevolgen. Ondanks dat meisjes en 18- tot 25-jarigen dit vaker hadden, was er geen sterk verband tussen deze factoren en negatieve mentale gezondheidsgevolgen. Voor hulpvraag is de regressie univariabel uitgevoerd. 

Extra cijfers opvragen 

Het is het mogelijk om aanvullende cijfers uit de jongeren- en volwassenenpanels op te vragen. Zo kunnen de gezondheidsuitkomsten uitgesplitst worden naar verschillende demografische kenmerken (zoals geslacht, leeftijd en opleidingsniveau). Daarnaast is het mogelijk om de cijfers op provinciaal niveau op te vragen. Neem hiervoor contact op met het GOR COVID-19-onderzoeksteam (gor-covid19@rivm.nl). 

Kwalitatieve analyses open vragen 

De antwoorden op de open vragen zijn geanalyseerd met behulp van software voor kwalitatieve analyse. De antwoorden kregen allemaal 1 of meer codes die de inhoud ervan beschreven, bijvoorbeeld ‘minder sociale contacten’, ‘studieachterstand’ en ‘mentale klachten’. In de vorige meting (juni 2022) codeerden we alle onderwerpen die we zagen zo volledig mogelijk. Daarna groepeerden we codes. Zo ging ‘studieachterstand’ bijvoorbeeld horen bij ‘negatieve invloed op persoonlijke ontwikkeling’. In deze meting (september 2022) gebruikten we direct de overkoepelende codes. 

De overkoepelende codes over de langdurige invloed van de coronaperiode lijken op de codes van de Corona Gedragsunit over negatieve en positieve effecten van de coronapandemie.  

Over de surveillance van Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn 

De surveillancecijfers van Nivel Zorgregistraties zijn bedoeld voor de signalering van (infectie)ziekten in de algemene bevolking, maar kunnen ook gebruikt worden voor de monitoring van andere acute klachten. Er zijn wekelijks cijfers beschikbaar over symptomen en aandoeningen in de Nederlandse bevolking op basis van geanonimiseerde gegevens uit elektronische medische dossiers van huisartsenpraktijken. De cijfers worden berekend als het aantal personen dat de huisarts in die week raadpleegde voor bepaalde symptomen of aandoeningen, gedeeld door het totaalaantal ingeschreven patiënten in de praktijk (prevalentie cijfers). De gegevens zijn afkomstig van ongeveer 380 huisartsenpraktijken met ongeveer 1,6 miljoen patiënten (9% van de Nederlandse bevolking). De gegevens over de symptomen en aandoeningen worden routinematig geregistreerd, gebruikmakend van de ICPC International Classification of Primary Care (International Classification of Primary Care) (International Classification of Primary Care, versie 1). Dit classificatiesysteem wordt in Nederland door alle huisartsen gebruikt. 

Acute gezondheidsproblemen/condities die mogelijk (direct of indirect) gerelateerd zijn aan de coronapandemie, zoals gepresenteerd aan huisartsen, zijn in kaart gebracht. We richten ons op een aantal niet-specifieke symptomen die een fysieke en/of mentale oorzaak kunnen hebben. Het gaat om zowel symptomen die zijn geregistreerd bij episodes van aandoeningen en symptomen die niet aan een aandoening worden toegeschreven. Een deel van deze symptomen worden door het RIVM genoemd als mogelijke langdurige klachten na het doormaken van een infectie met het coronavirus (een directe link is echter niet te maken: besmetting wordt niet geregistreerd in deze data). Zie onderstaande tabel voor de geïncludeerde symptomen en ICPC codes. 

Lijst met niet-specifieke symptomen en overeenkomende ICPC-1 codes

Symptomen ICPC code (naam code)
Benauwd of kortademig in rust (zonder inspanning)* R02 (Dyspnoe/benauwdheid toegeschreven aan luchtwegen)
R03 (Piepende ademhaling)
R04 (Andere problemen ademhaling)
R29 (Andere symptomen/klachten luchtwegen)
Moeheid* A04 (Moeheid/zwakte)
Spierpijn* L18
Misselijkheid D09
Pijn of druk op de borst* K01 (Pijn toegeschreven aan hart)
K02  (Druk/beklemming toegeschreven aan hart)
K03 (Andere pijn toegeschreven aan hartvaatstelsel)
Hartkloppingen* K04 (Hartkloppingen/bewust van hartslag)
Angstig/nerveus/gespannen gevoel P01
Plotselinge (hevige) stress of crisis P02 (Crisis/voorbijgaande stressreactie)
Depressief gevoel* P03 (Down/depressief gevoel)
Suïcide, -pogingen en -gedachten  P77
Slaapproblemen

P06 (Slapeloosheid/andere slaapstoornis)

Hoofdpijn*

N01
N02 (Spanningshoofdpijn)

Duizeligheid of licht in het hoofd N17
Geheugen- of concentratieproblemen* P20 (Geheugen-/concentratie-/oriëntatiestoornissen)
Andere afwijking(en) reuk/smaak* N16

* Relevant voor post-COVID volgens de RIVM-lijst.

Specifiek voor jongeren is het belangrijk om te vermelden dat het in Nederland vanaf 12 jaar is toegestaan om zelf naar de huisarts te gaan (zonder begeleiding van ouder/verzorger). Tot 16 jaar geldt wel dat hiervoor toestemming nodig is van een ouder/verzorger. Dat betekent dat de beslissing om met een bepaalde klacht naar de huisarts voor de jongere leeftijdsgroepen niet volledig in handen ligt van degene met de klachten. Dit is echter ieder jaar zo geweest, en verklaart geen verschillen over de tijd.