In maart 2022 gaf ruim een derde (36 procent) van de jongeren aan dat ze nog last hadden van een corona-gerelateerde gebeurtenis die ze hadden meegemaakt. De meesten van hen hadden corona gehad, maar het kon ook gaan om andere gebeurtenissen, zoals door de maatregelen geen afscheid hebben kunnen nemen van iemand die was overleden, een dierbare die in het ziekenhuis had gelegen door corona, of geweld of discussie hebben meegemaakt vanwege de maatregelen. Hoewel het percentage dat last hield van deze gebeurtenissen afnam toen de pandemie op de achtergrond raakte, bleef toch tot en met september 2025 ongeveer een vijfde aangeven hier last van te hebben.
Coronagerelateerde gebeurtenissen
De grafiek hieronder laat per ronde zien hoeveel procent van de jongeren een bepaalde gebeurtenis meemaakte die te maken had met het coronavirus of de coronamaatregelen. Jongeren maakten het vaakst mee dat ze zelf corona kregen, een ziekenhuisopname hierdoor kwam juist het minst voor. In maart 2023 gaf 74 procent aan corona te hebben gehad, terwijl het aandeel dat aangaf vanwege corona in het ziekenhuis te hebben gelegen steeds onder de 1 procent bleef.
Bij meerdere gebeurtenissen nam gaandeweg het aandeel jongeren af dat nog invulde dat ze die gebeurtenis hadden meegemaakt. De vraag ging over de hele periode van de start van de pandemie tot het moment van uitvragen, dus eigenlijk hadden percentages alleen kunnen toenemen of gelijk blijven. Waarschijnlijk vergaten jongeren gaandeweg wat ze hadden meegemaakt of vonden ze het niet meer belangrijk genoeg om nog in te vullen. Bij bijvoorbeeld angst zijn voor een coronabesmetting en een belangrijke gebeurtenis hebben gemist was dit effect al te zien vanaf september 2022. Het percentage jongeren dat voor het eerst corona kreeg nam toen nog wel toe, bij die gebeurtenis begon de afname pas na maart 2023.
Uit vragen die op een andere plek in de vragenlijst waren opgenomen, bleek post-COVID een manier waarop de pandemie ook op de lange termijn impact had. Daarom konden jongeren vanaf maart 2025 ook aangeven of ze een dierbare hadden met post-COVID. In 2025 gold dit inderdaad voor zeven procent van de jongeren.
In de eerste twee metingen (september 2021 en december 2021) werden ook gebeurtenissen uitgevraagd die geen direct verband hielden met het coronavirus of de maatregelen, zoals in het ziekenhuis hebben gelegen door iets anders dan corona. Hier konden de direct aan corona gerelateerde gebeurtenissen mee worden vergeleken. Om de vraag voldoende kort te houden toen er meer coronagerelateerde gebeurtenissen bij kwamen, zijn deze items vanaf maart 2022 weggelaten.
Last van meegemaakte gebeurtenissen
In de jaren erna hield een relatief groot deel van de jongeren er last van als ze een dierbare hadden verloren aan het coronavirus of vanwege de coronamaatregelen geen afscheid hadden kunnen nemen van een dierbare (zie grafiek). Een relatief veel lager percentage hield last van een coronabesmetting, maar omdat veel jongeren corona hadden gehad ging dit toch om grote aantallen jongeren (zie ook post-covid). Daarnaast bleek in 2025 dat vooral jongeren die een dierbare hadden met post-covid (7 procent) daar veel last van te hebben in het dagelijks leven (42 procent). Sommigen van hen gaven ook mantelzorg. Lees hier meer over op de post-covid pagina.
Mogelijke posttraumatische stressstoornis (PTSS)
Door de gebeurtenissen die te maken hadden met de coronapandemie, had tussen de drie en de zes procent van de jongeren mogelijk een risico om een posttraumatische stressstoornis (PTSS) te ontwikkelen (zie grafiek). Het percentage jongeren met risico op (Posttraumatische Stressstoornis) was in maart en juni 2022 zes procent. Daarna schommelde het rond de drie procent, waarbij in 2023 en 2025 de septembermetingen met vier procent iets hoger lagen.
Bij (emotionele) eenzaamheid was er meer kans op symptomen van (Posttraumatische Stressstoornis) nadat iemand een coronagerelateerde gebeurtenis meemaakte. Ook bij zelfdodingsgedachten en lichamelijke klachten was er meer kans dat jongeren PTSS-symptomen ontwikkelen na zo’n gebeurtenis. Soms kwamen het hebben van een hulpvraag bij de zorg voor zieke familieleden/huisgenoten en stress door de thuissituatie, coronaperiode en/of maatregelen en overige zaken naar voren als risicofactoren voor het hebben van een PTSS indicatie.
Extra onderzoeksvragen over de impact van de coronaperiode
De nasleep van de pandemie in het dagelijks leven was heel verschillend. Meerdere extra onderzoeksvragen lieten zien dat een deel van de jongeren merkte dat de pandemie impact had op hun school- en studieprestaties, omgangsvormen en sociale contacten en op hun persoonlijke ontwikkeling. In september 2023 rapporteerden jongeren het gevoel te hebben dat zij door de coronaperiode belangrijke momenten zijn misgelopen. Ze noemden vaak meerdere gebeurtenissen die samen het begin van een nieuwe levensfase markeerden, zoals afscheid nemen van de basisschool of gala, diploma-uitreiking en de start van het studentenleven. Verder zei een deel van de jongeren dat zij door schoolsluitingen en online onderwijs een leerachterstand opliepen en dat deze vaak nog niet (helemaal) was ingehaald. De extra druk die dit met zich meebracht leverde stress op, zeker in combinatie met de door vertraging ontstane financiële problemen, zoals een hogere studieschuld. Ook sociaal gezien had de coronaperiode impact. Jongeren gaven aan dat het contact met vrienden tijdens de coronatijd verwaterde. Een deel genoot weer van de vrijheid van het sociale leven na de coronameetregelen, maar een deel ervaarde (ook) sociaal ongemak. Zo moesten ze wennen aan grote groepen en vonden ze het lastiger om met onbekenden te praten. Sommigen beschreven de lockdownperiodes als uitzichtloos. Ook andere mentale problemen schreven jongeren toe aan de coronaperiode, zoals smetvrees en angst voor nieuwe maatregelen. In juni 2025 reageerden alle jongeren op stellingen over de nasleep die ze nog ervaren van de coronaperiode. Hieruit bleek dat de meerderheid van mening was dat de coronatijd niets meer met hun leven op dat moment te maken had. Toch vond een groot deel het nog wel jammer dat ze belangrijke gebeurtenissen hadden gemist. Een kleiner deel voelde zich nog sociaal ongemakkelijk in grote groepen of ervaarde door de coronaperiode nog moeite met nieuwe mensen leren kennen.
- Wat voor invloed hebben de coronamaatregelen gehad op onderstaande onderdelen van jouw leven? (september 2021 tot en met september 2022)
- Denk aan alles wat we hebben meegemaakt tijdens de coronaperiode. Wat zou je willen voor de toekomst? Bijvoorbeeld hoe we omgaan met een nieuwe golf coronabesmettingen (juni 2022)
- Heeft de coronaperiode nu nog (positieve of negatieve) invloed op jouw leven? (juni 2022, september 2022 en september 2023)
- Welke gebeurtenissen heb je gemist door het coronavirus of de maatregelen? (juni 2022 en september 2022)
- Hoe heeft de coronaperiode het verwerken van deze traumatische gebeurtenis(sen) positief of negatief beïnvloed? (september 2022)
- Hoe erg zou je het vinden dat, als het nodig is, de volgende coronamaatregelen worden ingevoerd? (december 2022)
- Je hebt bij alle maatregelen aangegeven dat je het heel erg zou vinden als deze worden ingevoerd. Wil je uitleggen waarom? (december 2022)
- In hoeverre ben je het eens met de volgende stelling? “Door de coronaperiode kan ik beter omgaan met problemen die op mijn pad komen.” (september 2023)
- Werk je in de zorg? Merk je nog gevolgen van de coronapandemie (het virus of de maatregelen) in uw werk? (december 2023)
- Hoeveel autonomie heb je bij thuiswerken? Hoe prettig ervaar je het thuiswerken? (juni 2024)
- Praat je nog wel eens met iemand over de coronapandemie of de gevolgen daarvan op jou? Kun je voorbeelden noemen van waar je het dan over hebt? (september 2024)
- In hoeverre ben je het eens met deze stellingen over de invloed van de pandemie op jouw leven? (maart 2025 en juni 2025)
Extra onderzoeksvragen over uitgestelde zorg
- Heb je door de coronacrisis zorg niet of later ontvangen? (december 2021 tot en met december 2022)
- Waarom heb je ervoor gekozen om een afspraak uit te stellen of af te zeggen? (juni 2022 tot en met december 2022)
- Heb je de zorg nu wel ontvangen? (maart 2022 tot en met december 2022)
- Ervaar je nu nog negatieve gevolgen van de uitgestelde zorg? (maart 2022 tot en met december 2022)