Elk najaar nodigen huisartsen en zorgorganisaties hun patiënten met een medische indicatie en mensen van 60 jaar en ouder uit om deel te nemen aan het Nationaal Programma Grieppreventie (NPG Nationaal Programma Grieppreventie).

Werkwijze

Mensen uit de doelgroep van het NPG Nationaal Programma Grieppreventie krijgen elk jaar een uitnodiging van de huisarts of zorginstelling. De vaccinatie vindt meestal plaats tijdens speciale spreekuren in huisartsenpraktijk of bij de zorginstelling. Niet mobiele personen worden thuis gevaccineerd.

Betrokken partijen

Bij de uitvoering zijn verschillende partijen betrokken. Hieronder staat een overzicht van deze partijen en een korte omschrijving van hun bijdrage:

De huisarts selecteert de personen in zijn praktijk die in aanmerking komen voor de gratis griepprik. De huisarts nodigt die mensen uit voor de griepprik. De vaccinatie kan worden gegeven door de huisarts, praktijkondersteuner of de doktersassistent. Personen uit de doelgroep die in een zorginstelling verblijven (bijvoorbeeld een verpleeghuis), ontvangen daar hun jaarlijkse griepprik. Dit kan zowel de huisarts, doktersassistent als de verpleeghuisarts doen. De huisarts krijgt per gezette vaccinatie een vergoeding.

De Stichting Nationaal Programma Grieppreventie (SNPG Stichting Nationaal Programma Grieppreventie) coördineert de uitvoering van de jaarlijkse griepvaccinatiecampagne. Huisartsen bestellen informatiemateriaal en vaccins via de SNPG.

Vanuit het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) zijn verschillende afdelingen betrokken bij het NPG. Het Centrum voor Bevolkingsonderzoek (CvB Centrum voor Bevolkingsonderzoek) voert de landelijke regie over het NPG in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ). Het CvB bewaakt de kwaliteit, bereikbaarheid, betaalbaarheid en doelmatigheid van het NPG en verzorgt de voorlichting over de griepprik aan de burger. De Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma’s (DVP Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma's) van het RIVM koopt de griepvaccins in en zorgt voor opslag en levering aan huisartsen en zorginstellingen.  Het Centrum Infectieziektebestrijding (CIb Centre for Infectious Disease Control) van het RIVM is de inhoudsdeskundige op het gebied van de griepprik en geeft advies aan de overheid en de professionals in de praktijk.

Het ministerie van VWS beslist aan wie de griepprik gratis aangeboden wordt, en betaalt de vaccins en de uitvoering van de jaarlijkse griepvaccinatiecampagne. Dit doen ze op advies van de deskundigen van de Gezondheidsraad (GR groepsrisico).

Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG Nederlands Huisartsen Genootschap) ondersteunt huisartsen bij de uitvoer van het NPG door jaarlijks een praktijkhandleiding te schrijven.

Nivel voert in opdracht van het CvB de jaarlijkse monitor uit waarbij gekeken wordt hoeveel mensen van de doelgroep zich hebben laten vaccineren.

Het Bijwerkingencentrum Lareb Landelijke Registratie Evaluatie Bijwerkingen  registreert de bijwerkingen van de griepvaccinatie die worden gemeld en publiceren dit jaarlijks in een rapport.

Geschiedenis van het NPG

  • 1993: De griepprik bestaat al enkele jaren, maar vanaf 1993 is er sprake van een programmatische aanpak. Er zijn voorlichtingsspotjes op tv televisie en mensen uit de risicogroepen worden actief uitgenodigd.
  • 1997: Het Nationaal Programma Grieppreventie wordt opgericht.
  • 2007: In 2007 adviseert de Gezondheidsraad om ook gezonde 60- tot 65-jarigen uit te nodigen. Mensen met recidiverende furunculose krijgen geen uitnodiging meer. De GR beveelt ook aan om de griepprik aan te bieden aan gezinsleden van personen met een zeer hoog risico op ernstige ziekte en sterfte bij influenza. De minister van VWS besluit deze groep niet toe te voegen aan de doelgroep van het NPG, omdat er onvoldoende bekend is over de doelmatigheid van een dergelijke interventie. Daarnaast twijfelde de minister aan de uitvoerbaarheid.
  • 2008: Gezonde 60- tot 65-jarigen ontvangen ook een uitnodiging voor de griepprik.
  • 2009: In 2009 ontstaat er vanuit Mexico een grieppandemie, veroorzaakt door een nieuw varkensinfluenza-A(H1N1)-virus. Doordat het grootste deel van de bevolking geen antilichamen tegen dit virus bezit, kan dit virus zich snel en wereldwijd verspreiden. De Gezondheidsraad schrijft op verzoek van het ministerie van VWS een spoedadvies over de Mexicaanse griep. Naar aanleiding hiervan zijn in de tweede helft van het jaar alle doelgroepen binnen het NPG uitgenodigd voor twee vaccinaties tegen Nieuwe Influenza A (H1N1).
  • 2014: De Gezondheidsraad evalueert opnieuw in hoeverre gezonde 60-plussers en gezonde zwangere vrouwen baat zouden kunnen hebben bij een griepprik. Belangrijkste conclusie uit het advies ‘Grip op Griep’ is dat de Gezondheidsraad de vaccinatie voor gezonde 60-plussers nuttig acht en vaccinatie van alle zwangere vrouwen niet. De minister neemt het advies van de Gezondheidsraad over. De doelgroep wordt niet gewijzigd.
  • 2018:  Het OMT Outbreak Management Team adviseert in 3 scenario’s over het gebruik van het nieuwe qaudrivalente vaccin in plaats van het tot dan toe gebruikte trivalente vaccin. Het nieuwe vaccin beschermt tegen vier griepvirussen in plaats van drie. De effectiviteit van het quadrivalente vaccin is daarom hoger. De staatsecretaris van VWS schrijft in zijn besluit het belangrijk te vinden om het best beschikbare vaccin in te zetten. Hij geeft daarom de opdracht om vanaf 2019 het quadrivalente vaccin aan te bieden via het NPG.
  • 2021: De Gezondheidsraad evalueert opnieuw welke doelgroepen baat hebben wij een griepprik. In het advies dat op 20 september 2021 wordt gepubliceerd adviseert de Gezondheidsraad om drie doelgroepen aan te passen en vier extra doelgroepen toe te voegen aan het NPG. Het gaat onder andere om mensen met morbide obesitas (BMI Body Mass Index ≥ 40), mensen met dementie en zwangere vrouwen vanaf 22 weken zwangerschap. Uit recente onderzoeken blijkt dat deze groepen baat hebben bij griepvaccinatie en dat griepvaccinatie hun risico’s op complicaties en ziektelast verkleint. In 2021 krijgen deze groepen de gelegenheid voor een griepvaccinatie door zichzelf te melden bij de huisarts.