Het RIVM deelt wekelijks op woensdag de actuele cijfers over het griepvirus (influenzavirus) in Nederland.

Update 15 april 2026: Aantal mensen met griep is laag

Er wordt weinig griepvirus aangetoond in de verschillende surveillancebronnen. Het aandeel deelnemers aan Infectieradar met luchtwegklachten is in de afgelopen week op een laag niveau gebleven. In de keel- en neusmonsters van een deel van deze deelnemers werd in de afgelopen week twee keer griepvirus aangetoond. Het aantal mensen dat met luchtwegklachten (inclusief griepachtige klachten) de huisarts bezoekt laat nog steeds een dalende trend zien. In de 7 monsters die huisartsen afnamen bij patiënten met griepachtige klachten, werd in de afgelopen week vier keer griepvirus aangetroffen. In de laboratoria (de Virologische Weekstaten) is het aantal monsters van afgelopen week waarin griepvirus werd aangetoond op een laag niveau.

Tijdens het huidige luchtwegseizoen ging er vooral Influenzavirus type A rond. Type B werd nauwelijks gevonden. Dit komt overeen met wat we de afgelopen maanden in de rest van Europa hebben gezien. Vorig seizoen circuleerde er meer Influenzavirus type B in Nederland. Tijdens de epidemie in het seizoen 2023/2024 zagen we een vergelijkbaar beeld met het huidige seizoen.

Naast het griepvirus zorgen ook andere ziekteverwekkers voor luchtweginfecties.

Direct naar

Figuren over griep

In de figuren hieronder staat informatie over griep in Nederland in Nederland. De cijfers van de laatste weken zijn nog niet volledig. Dat komt omdat sommige cijfers later binnenkomen.   

Bij een steekproef van de personen die de huisarts bezoeken met een griepachtig ziektebeeld worden monsters afgenomen voor de landelijke respiratoire surveillance. Dit wordt gedaan door huisartsenpraktijken die deelnemen aan de Peilstations van Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn. Zo’n 40 huisartsen praktijken registreren en bemonsteren wekelijks het aantal mensen met een griepachtig ziektebeeld. Daarnaast zijn er ongeveer 100 praktijken die alleen mensen met een griepachtig ziektebeeld bemonsteren. 

Door een lage hoeveelheid virus kan het in enkele gevallen voorkomen dat het rhinovirus en het enterovirus niet van elkaar te onderscheiden zijn. Hierbij is het niet te bepalen of rhinovirus of enterovirus allebei voorkomen, of één van de twee. Daarom wordt deze uitslag in de grafiek als Rhino/Enterovirus weergegeven.

Let op: de lijn in de grafiek is het totale aantal geteste monsters. Iemand kan meerdere infecties tegelijk hebben. Hierdoor kunnen de gestapelde percentages in de grafiek een hoger percentage monsters positief aangeven, dan in werkelijkheid het geval is. Enterovirus uitslagen volgen met een vertraging van twee weken, in verband met extra uit te voeren testen.

Het RIVM vraagt deelnemers aan het Infectieradar zelftestonderzoek  een corona zelftest te doen als zij klachten hebben die passen bij corona of bij een andere luchtweginfectie, zoals hoesten, keelpijn, kortademigheid, een loopneus of een verstopte neus. Een deel van deze mensen wordt gevraagd om ook een neus- en keelmonster op te sturen naar het RIVM. Het RIVM onderzoekt of dit monster het coronavirus, een griepvirus of een verkoudheidsvirus bevat. Het merendeel van deze mensen met klachten heeft hiervoor niet de huisarts bezocht. 

Let op: de lijn in de grafiek is het totale aantal geteste monsters. Iemand kan meerdere infecties tegelijk hebben. Hierdoor kunnen de gestapelde percentages in de grafiek een hoger percentage monsters positief aangeven, dan in werkelijkheid het geval is. Nog niet alle monsters die de afgelopen week zijn opgestuurd zijn al getest. Deze uitslagen zullen volgende week worden aangevuld.

Laboratoria melden griepvirus in Virologische Weekstaten

Aantal positieve monsters

Sla de grafiek 'Influenzavirus type A in monsters van laboratoria' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: virologische diagnostiek rapportages Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie.

Noot. In de grafiek zijn alleen gegevens meegenomen van die laboratoria die voor minstens 95% van de weken sinds het luchtwegseizoen 2023/2024 hun gegevens hebben doorgegeven én die voor alle laatste vijf weken hun gegevens hebben doorgegeven. Van welke laboratoria in de grafiek gegevens worden getoond, kan daarom per week verschillen. Ook het totaal aantal keren dat Influenzavirus type A is aangetoond kan daardoor per week wisselen.

Let op: Deze data is eigendom van de laboratoria die deelnemen aan de virologische weekstaten, vertegenwoordigd door het bestuur van de Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie (NWKV). Het database beheer ligt bij het RIVM. Verder gebruik van deze data is niet toegestaan zonder toestemming. Toestemming voor gebruik van deze data kan aangevraagd worden door contact op te nemen via virweekstaten@rivm.nl.

Percentage positieve monsters

Sla de grafiek 'Influenzavirus type A in monsters van laboratoria' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: virologische diagnostiek rapportages Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie.

Noot. Een deel van de laboratoria meldt zowel het aantal geteste monsters als het aantal detecties. Het percentage positieve monsters in bovenstaande figuur is gebaseerd op de meldingen waarin ook het aantal monsters is gemeld. Niet alle laboratoria die het aantal geteste monsters melden hebben hun data gerapporteerd voor de meest recente week. Het percentage positieve monsters van deze week staat daarom nog niet vast.

Let op: Deze data is eigendom van de laboratoria die deelnemen aan de virologische weekstaten, vertegenwoordigd door het bestuur van de Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie (NWKV). Het database beheer ligt bij het RIVM. Verder gebruik van deze data is niet toegestaan zonder toestemming. Toestemming voor gebruik van deze data kan aangevraagd worden door contact op te nemen via virweekstaten@rivm.nl.

Aantal positieve monsters

Sla de grafiek 'Influenzavirus type B in monsters van laboratoria' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: virologische diagnostiek rapportages Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie.

Noot. In de grafiek zijn alleen gegevens meegenomen van die laboratoria die voor minstens 95% van de weken sinds het luchtwegseizoen 2023/2024 hun gegevens hebben doorgegeven én die voor alle laatste vijf weken hun gegevens hebben doorgegeven. Van welke laboratoria in de grafiek gegevens worden getoond, kan daarom per week verschillen. Ook het totaal aantal keren dat Influenzavirus type B is aangetoond kan daardoor per week wisselen.

Let op: Deze data is eigendom van de laboratoria die deelnemen aan de virologische weekstaten, vertegenwoordigd door het bestuur van de Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie (NWKV). Het database beheer ligt bij het RIVM. Verder gebruik van deze data is niet toegestaan zonder toestemming. Toestemming voor gebruik van deze data kan aangevraagd worden door contact op te nemen via virweekstaten@rivm.nl.

Percentage positieve monsters

Sla de grafiek 'Influenzavirus type B in monsters van laboratoria' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: virologische diagnostiek rapportages Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie.

Noot. Een deel van de laboratoria meldt zowel het aantal geteste monsters als het aantal detecties. Het percentage positieve monsters in bovenstaande figuur is gebaseerd op de meldingen waarin ook het aantal monsters is gemeld. Niet alle laboratoria die het aantal geteste monsters melden hebben hun data gerapporteerd voor de meest recente week. Het percentage positieve monsters van afgelopen week staat daarom nog niet vast.

Let op: Deze data is eigendom van de laboratoria die deelnemen aan de virologische weekstaten, vertegenwoordigd door het bestuur van de Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie (NWKV). Het database beheer ligt bij het RIVM. Verder gebruik van deze data is niet toegestaan zonder toestemming. Toestemming voor gebruik van deze data kan aangevraagd worden door contact op te nemen via virweekstaten@rivm.nl.

Ziekenhuislaboratoria sturen griepvirussen naar Nationaal Influenza Centrum (NIC)

Sla de grafiek 'Aantal monsters positief voor influenzavirus ingezonden door ziekenhuizen' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: ingezonden influenzavirussen aan het (Nationaal Influenza Centrum) (locatie (Erasmus Medical Center) en RIVM). De aantallen van de voorgaande en huidige week kunnen veranderen door nagekomen influenzavirussen.