Staatssecretaris Blokhuis heeft besloten de periode tussen twee uitnodigingen voor het bevolkingsonderzoek naar borstkanker tijdelijk te verlengen naar maximaal drie jaar. Dit is nodig omdat het voorlopig niet mogelijk is om vrouwen elke 2 jaar uit te nodigen voor het onderzoek naar borstkanker.

Hieronder vindt u antwoorden op vragen over deze verlenging.

Het bevolkingsonderzoek moet voor alle vrouwen gelijkwaardig en toegankelijk zijn. Dat is op dit moment niet het geval. In de ene regio moeten vrouwen (veel) langer wachten op het borstonderzoek dan in een andere regio en dat is ook het geval binnen regio’s.

Om de toegankelijkheid en gelijkwaardigheid landelijk voor alle deelneemsters te behouden is het nodig om de periode tussen onderzoeken in te verlengen tot maximaal 3 jaar in plaats van de huidige gemiddelde 2,5 jaar.

Door deze verlenging komt er ook meer ruimte om te investeren in screeningspersoneel, vooral in het opleiden ervan. Dat is nodig om uiteindelijk in de toekomst weer meer personeel te hebben en terug te kunnen naar een kortere periode tussen de onderzoeken in.
Deze aanpassing zal plaatsvinden vanaf begin 2021 en circa 3 jaar duren.

Dit heeft te maken met het tekort aan screeningspersoneel bij het bevolkingsonderzoek en de uitbraak van het nieuwe coronavirus. Door de uitbraak van het nieuwe coronavirus heeft het borstkankeronderzoek enige tijd stilgelegen. Sinds de herstart kunnen door de coronamaatregelen minder vrouwen per dag onderzocht worden dan normaal.

Dat hangt af van de regio waar u woont. De vertraging is na de uitbraak van het coronavirus opgelopen van 4-6 maanden naar maximaal 12 maanden.  

Landelijk gezien is de tijd tussen 2 uitnodigingen nu al gemiddeld 2,5 jaar. Door regionale en lokale verschillen kan dit voor u korter of langer zijn. De maximale tijd tussen twee uitnodigingen gaat naar maximaal 3 jaar.

De verlenging naar maximaal 3 jaar als tijd tussen 2 onderzoeken in geldt voor elke leeftijdsgroep. Op deze manier is het aanbod van het bevolkingsonderzoek borstkanker in heel Nederland uniform toegankelijk en gelijkwaardig.

Nu ontvangen in heel Nederland ongeveer 1,3 miljoen vrouwen een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek borstkanker. Daarvan doen ongeveer 1 miljoen vrouwen mee aan het onderzoek. Met de verlenging van de periode tussen onderzoeken inkrijgen minder vrouwen een uitnodiging per jaar. De balans tussen het aantal uitgenodigde vrouwen en het aantal vrouwen dat onderzocht kan worden wordt daardoor beter.

De aanpassing is in principe een tijdelijke maatregel, maar geldt wel voor een aantal jaren. De oorzaken van de vertraging – het personeelstekort en de COVID-19-problematiek – zijn niet op korte termijn opgelost. Het is op dit moment nog niet bekend hoe lang de aanpassing precies duurt. De Gezondheidsraad gaat een advies geven over hoe gezondheidswinst in het bevolkingsonderzoek behouden kan blijven. Zij kijken daarbij ook naar de tijd tussen twee onderzoeken.

De aanpassing gaat in per begin 2021.

Het bevolkingsonderzoek heeft als doel borstkanker vroeg op te sporen zodat behandeling een grotere kans van slagen geeft of de behandeling minder ernstig is. Een langere periode tussen onderzoeken in  leidt ertoe dat in sommige gevallen borstkanker later wordt ontdekt en dat minder sterfgevallen kunnen worden voorkomen. Voor sommige vrouwen kan later onderzoeken gunstig zijn als een afwijking dan wel wordt gevonden die eerder nog niet te zien was.

Een mammografie, echografie of MRImagnetic resonance imaging kan alleen in het ziekenhuis plaatsvinden na verwijzing door de huisarts op basis van klachten of veranderingen aan de borst(en) of verwijzing vanuit het bevolkingsonderzoek. Deze onderzoeken vallen buiten het bevolkingsonderzoek. Neem bij klachten of veranderingen aan uw borst  contact op met uw huisarts.

Een langere periode tussen twee onderzoeken in heeft tot gevolg dat er minder gezondheidswinst behaald wordt met het bevolkingsonderzoek. De komende jaren, tot 2039, zouden bij borstonderzoek om de 2 jaar jaarlijks ongeveer 1450 sterfgevallen worden voorkomen. Een langere periode tussen de onderzoeken geeft ongeveer 55 minder voorkomen sterfgevallen per jaar in die periode tot 2039. Het besluit van VWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor onderzoeken om de maximaal 3 jaar voegt hieraan 0,3% toe, wat zich vertaalt in circa 2 tot 4 minder voorkomen sterfgevallen per jaar. 

De uitvoerende organisaties zetten al geruime tijd acties in om het aantal screeningslaboranten op peil te houden. Hieronder valt bijvoorbeeld het opzetten van extra opleidingen en arbeidsmarktcampagnes om nieuwe medewerkers aan te trekken. We bekijken nu met alle betrokken partijen welke extra maatregelen nodig zijn. De gehele gezondheidszorg heeft te maken met personeelstekorten. Verlenging van het interval is ook nodig om ruimte te maken voor het opleiden van nieuwe screeningslaboranten.

Als u zich ongerust maakt, kunt u het beste contact opnemen met uw huisarts. Uw huisarts kan met u bespreken of er sprake is van (een vermoeden van) familiaire of erfelijke borstkanker.

Als u klachten heeft, of een van de deze veranderingen ziet of voelt, vraag dan uw huisarts om advies. De huisarts kan u eventueel doorverwijzen naar het ziekenhuis voor nader onderzoek. Wacht bij klachten dus niet op de uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek en maak geen afspraak in het onderzoekscentrum.

Er wordt via een nieuwsbericht op de website en op social media kanalen van RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en de screeningsorganisaties aandacht aan besteed. In de uitnodigingbrief die vrouwen krijgen staat de vertraging gemeld.

Houd rekening met maximaal 3 jaar na uw vorige uitnodiging.

De leeftijdsgrenzen blijven hetzelfde.
De Gezondheidsraad gaat advies geven over het behouden van zoveel mogelijk gezondheidswinst door het bevolkingsonderzoek.

 

Het enige alternatief was het niet verlengen van de tijd tussen twee onderzoeken in. Dan zou er geen sprake meer zijn van een uniform gelijkwaardig aanbod en toegankelijkheid. De ongelijkheid zou groter worden en er kunnen er geen nieuwe screeningslaboranten worden opgeleid. Daarom heeft het ministerie van VWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport het besluit genomen de periode tussen onderzoeken in te verlengen tot maximaal 3 jaar.

Het is moeilijk om algemeen aan te geven of een diagnose anders was geweest bij een eerdere uitnodiging. Mocht u vermoeden dat u nadelige gevolgen hebt ondervonden van een latere uitnodiging, neem dan contact op met de screeningsorganisatie van uw regio.

Voor u en andere vrouwen in die situatie wordt een oplossing geregeld. U krijgt alsnog een uitnodiging om mee te doen aan het bevolkingsonderzoek borstkanker.

U kunt meer informatie hierover vinden in de arbeidsmarktnotitie. Deze is te vinden op de pagina voor professionals onder het kopje 'Arbeidsmarktproblematiek in het bevolkingsonderzoek borstkanker'.

Voor meer informatie over de opleidingen voor nieuwe screeningslaboranten, kijk op de website 'werken bij bevolkingsonderzoek'.