Resultaten 12e ronde

Samenvatting

Met de versoepelingen neemt ook het sociaal contact en het welzijn van de deelnemers weer toe. De toename in sociale contacten brengt wel meer risico met zich mee om het virus over te dragen. Het naleven van de meeste maatregelen blijft echter stabiel (zoals testen bij de GGD Gemeentelijke Gezondheidsdienst en drukte mijden) of neemt mondjesmaat af (zoals thuiswerken of 1,5 meter afstand houden). Het vaccineren onder de deelnemers neemt tegelijk snel toe, maar bereidheid verschilt wel tussen vaccins. Het draagvlak voor de meeste maatregelen is hoog en de meerderheid staat daar ook nog achter als die nog 6 maanden zouden moeten duren – met name achter de adviezen over hygiëne, testen, thuiswerken en quarantaine.

Er zijn ook een aantal zaken die onzekerheid introduceren. Er is bijvoorbeeld veel winst te halen bij testen en quarantaine na een buitenland reis: belangrijk om introducties van nieuwe varianten in te perken. Bovendien verwachten veel mensen na vaccinatie het minder nauw te gaan nemen met de maatregelen. Evenementen en versoepelingen leiden bovendien tot meer drukte en contacten en minder afstand houden, ook bij (nog) niet-gevaccineerde mensen. Ten slotte is het vertrouwen in het coronabeleid van de overheid verder gedaald en is men kritisch op de koers, feitelijke onderbouwing en uitleg van het beleid.

Toename sociaal contact, verbetering mentaal welzijn met name onder jongeren

Deelnemers aan het gedragsonderzoek geven aan dat ze de afgelopen week vaker vrienden en familie hebben bezocht in vergelijking met de vorige meting 6 weken eerder (ronde 11). Dit gaat gepaard met een afname in gevoelens van eenzaamheid en een toename in psychische gezondheid. Daarnaast is de bezoekersregeling weer uitgebreid van 1 naar maximaal 2 bezoekers per dag. Dit heeft geleid tot hogere naleving van de bezoekersregeling (van 72% in ronde 11 naar 90% nu) en hoger draagvlak (63% nu versus 47% in ronde 11). Deelnemers vinden de maatregel ook weer makkelijker na te leven (56% versus 41% in de vorige ronde) en zien ook dat anderen dat vaker doen (45% versus 37% in de vorige ronde). Deze percentages zijn echter nog niet op het niveau van voordat de 1-persoons regeling werd geïntroduceerd in februari (10-15% lager).

Geen aanwijzing voor schijnveiligheid na negatieve (zelf-)test

Ten opzichte van de vorige meting zijn zelftesten inmiddels op veel plekken verkrijgbaar en voor verschillende evenementen en locaties wordt gewerkt met toegangstesten. 8% van de deelnemers heeft in de afgelopen 6 weken een zelftest gedaan. We zien dat het grootste deel van de mensen deze test gebruikt voor extra zekerheid, bijvoorbeeld voordat ze naar school of werk gaan. Een deel gebruikt een zelftest bij klachten (16%) of nadat ze in contact zijn geweest met een besmet persoon (9%). Daar is een zelftest niet geschikt voor: bij klachten of contact met een besmet persoon levert een PCR polymerase chain reaction-test bij de GGD een veel betrouwbaarder resultaat op.

Onder de deelnemers is niet terug te zien dat testen leidt tot een gevoel van schijnveiligheid, waarbij mensen na een negatieve testuitslag risico-activiteiten gaan ondernemen die ze normaal niet zouden doen. Slechts 12% geeft aan na een negatieve zelftest met grotere groepen samen te zijn gekomen (na een negatieve test bij de GGD is dat 8%). Gemiddeld geven mensen aan na een negatieve test juist wat vaker drukte te hebben gemeden, handen gewassen te hebben of af te hebben gezien van een bezoek aan ouderen met een kwetsbare gezondheid.

Testen en quarantaine

Het percentage deelnemers dat test bij klachten blijft stabiel boven de 60%. Een substantieel hoger percentage test als ze in nauw contact zijn geweest met een besmet persoon (83%) terwijl slechts 17% test na een buitenland reis. Deelnemers geven aan dat ook hun kinderen zijn getest als ze klachten hadden (71%) of in contact waren geweest met een besmet persoon (80%). Quarantaine bij klachten (44%), als een huisgenoot positief is getest (63%) of na een buitenlandreis (25%) wordt nog door veel mensen niet volledig nageleefd.

Vaccinatiebereidheid blijft hoog, verwachte terugval in naleving maatregelen

De vaccinatiebereidheid onder de deelnemers is onverminderd hoog. Wel zien we verschillen tussen vaccins. Pfizer en Moderna scoren het hoogst, respectievelijk 81% en 74% zou zich daarmee laten vaccineren als ze nu een uitnodiging zouden ontvangen. Daarna volgen het vaccin van Janssen (66%) en Astrazeneca (53%). Deelnemers aan het onderzoek denken dat Pfizer en Moderna het meest effectief zijn en de minste bijwerkingen hebben. In werkelijkheid is de bescherming tegen ernstige ziekte na een covid-infectie van alle vaccins ongeveer gelijk (boven de 85% effectiviteit).

Daartegenover staat dat een deel van de deelnemers na vaccinatie minder bereid is zich aan de maatregelen te houden. Dit geldt met name voor de sociaal beperkende maatregelen, zoals afstand houden of een beperking van het aantal mensen met wie je samenkomt. Respectievelijk 34% en 40% geeft aan te verwachten zich minder aan deze maatregelen te houden nadat ze gevaccineerd zijn. Ook verwacht 18% zich minder te laten testen bij klachten als ze gevaccineerd zijn. Handen wassen verwacht ruim 91% evenveel te blijven doen. Naleving van de maatregelen na vaccinatie wordt wel geadviseerd.

Vertrouwen en rechtvaardigheid

Het draagvlak voor de meeste maatregelen blijft hoog (70-90%): de meeste deelnemers staan achter de maatregelen zelfs als ze nog 6 maanden zouden duren (ongeveer 10 procentpunt daling in draagvlak). Maar ondanks de versoepelingen en het oplopende vaccinatie tempo, is het vertrouwen in het coronabeleid verder gedaald (34% is positief over de aanpak van de overheid versus 42% in ronde 11 en 58% een half jaar geleden, november 2020). Er is dan ook een verdere afname te zien in de mate waarin deelnemers ervaren dat het beleid op feiten is gebaseerd, dat verschillende maatschappelijke belangen worden gewogen en dat het beleid goed wordt uitgelegd. Deelnemers reageren met name kritisch op de vragen of de overheid een duidelijke koers vaart (50% (helemaal) oneens), de lasten eerlijk verdeelt (40% (helemaal) oneens) en er een eerlijke vaccinatievolgorde wordt gebruikt (38% (helemaal) oneens).


Dit en meer blijkt uit de twaalfde ronde van het vragenlijstonderzoek van de RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Corona Gedragsunit in samenwerking met GGD GHOR Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio en de 25 GGD’en, uitgevoerd tussen 5 en 9 mei 2021 onder ruim 55.000 deelnemers.

Naleven gedragsregels

Verklaringen gedrag

Welbevinden & Leefstijl

Draagvlak

Vertrouwen in overheid

Vaccinatiebereidheid

Over dit onderzoek