Bij langdurige blootstelling aan luchtverontreiniging loopt iedereen, dus ook gezonde volwassenen, een risico. Toch geldt dat een aantal groepen extra kwetsbaar is (Bell et al. 2013; Mannucci et al. 2015; O'Neill et al. 2012; Pope and Dockery 2006; WHO 2004a).

De Gezondheidsraad heeft de volgende hooggevoelige groepen geïdentificeerd, op basis van de Integrated Science Assessments van de Environmental Protection Agency:

  • Ouderen (boven de 65 jaar) voor fijn stof, NO2 en ozon.
  • Kinderen (onder de 18 jaar) voor fijn stof, NO2 en ozon.
  • Astmapatiënten voor fijn stof, NO2 en ozon.
  • Mensen met bestaande hart- en vaataandoeningen voor fijn stof.
  • Mensen met genetische aanleg voor luchtwegaandoeningen, en mensen met een verlaagde vitamine C- en E-inname voor ozon.

Ouderen en gevoeligheid voor fijn stof

De gevoeligheid van ouderen voor fijn stof wordt niet alleen veroorzaakt doordat chronische longziekten en hart- en vaatziekten vaker bij ouderen voorkomen. Veroudering heeft op zichzelf ook effecten op de luchtwegen en longen, doordat ouderen al hun hele leven zijn blootgesteld aan omgevingsfactoren (inclusief luchtverontreiniging), en vanwege luchtweginfecties die ze hebben doorgemaakt. Dit heeft gevolgen voor onder andere zuurstofopname, longfunctie en borst- en longspieren, wat de gevoeligheid voor luchtverontreiniging weer verhoogt (Dusseldorp et al. 2015).

Kinderen en gevoeligheid voor fijn stof

Ten opzichte van volwassenen zijn kinderen extra kwetsbaar voor blootstelling aan luchtverontreiniging (WHO 2004b), omdat kinderen:

  • relatief veel lucht inademen (in verhouding tot hun lichaamsgewicht);
  • kleinere longen en luchtwegen hebben;
  • luchtwegen en longblaasjes hebben die nog in ontwikkeling zijn;
  • meer tijd in de buitenlucht verblijven;
  • meer bewegen in de buitenlucht door sport en spel;
  • vaker astma hebben;
  • vaker acute luchtweginfecties hebben;
  • nog een zich ontwikkelend zenuwstelsel hebben (zie het onderdeel Gezondheidseffecten – fijn stof).

Blootstelling aan fijn stof kan leiden tot sterfte aan luchtweginfecties bij pasgeborenen (Pope and Dockery 2006). Ook voor effecten op de ontwikkeling van het zenuwstelsel lijken kinderen (inclusief het ongeboren kind) extra gevoelig.
De toename van het aantal studies dat wijst op een associatie tussen blootstelling aan fijn stof en effecten op het ongeboren kind, is een argument om ook zwangeren aan te merken als hooggevoelige groep (ondanks dat de wetenschappelijke onderbouwing voor een oorzakelijk verband nog niet geheel sluitend is).

Hoogblootgestelde groepen

Naast hooggevoelige groepen benoemt de Gezondheidsraad ook ‘hoogblootgestelde’ groepen als hoogrisicogroep voor luchtverontreiniging. Deze groep wordt in het Gezondheidsraadadvies als volgt gedefinieerd: “Een verhoogde blootstelling hebben vooral mensen die wonen, werken of anderszins langdurig verblijven op plaatsen met relatief veel luchtverontreiniging. Veelal gaat het om een combinatie van risicofactoren die elkaars werking kunnen versterken. Zo kan luchtverontreiniging astma verergeren, in combinatie met bijvoorbeeld roken of slechte woonomstandigheden.” (Gezondheidsraad 2018).

Referenties

  • Bell ML, Zanobetti A, Dominici F (2013) Evidence on vulnerability and susceptibility to health risks associated with short-term exposure to particulate matter: a systematic review and meta-analysis. Am J Epidemiol 178(6):865-76
  • Dusseldorp A, Fischer P, Dijkema M, Strak MM (2015) Luchtkwaliteitsindex : Aanbevelingen voor de samenstelling en duiding.  RIVM Rapport 2014-0050
  • Gezondheidsraad (2018) Gezondheidswinst door schonere lucht.  Gezondheidsraad Nr. 2018/01
  • Mannucci PM, Harari S, Martinelli I, Franchini M (2015) Effects on health of air pollution: a narrative review. Intern Emerg Med 10(6):657-62
  • O'Neill MSmicrosoft, Breton CV, Devlin RBRobertson-Berger, Utell MJ (2012) Air pollution and health: emerging information on susceptible populations. Air Qual Atmos Health 5(2):189-201
  • Pope CA, 3rd, Dockery DW (2006) Health effects of fine particulate air pollution: lines that connect. J Air Waste Manag Assoc 56(6):709-42
  • WHO (2004a) Health aspects of air pollution : answers to follow-up questions from CAFE : report on a WHO working group meeting, Bonn, Germany, 15-16 January 2004.  Copenhagen: WHO Regional Office for Europe