In bepaalde situaties kan een kwantificering van gezondheidseffecten van luchtverontreiniging bijdragen aan bijvoorbeeld de evaluatie van een situatie, het bouwen aan draagvlak voor maatregelen of de communicatie over de noodzaak van (onprettige) maatregelen of de ernst van een bepaalde situatie.

Niet altijd is hetzelfde detailniveau daarbij gewenst of nodig. Soms is een vrij grove kwantificering waarbij scenario’s of situaties worden vergeleken, zoals de GESGezondheidkundige Evaluatie Schiphol classificering, voldoende. In dergelijke situaties biedt het in kaart brengen van (bevolkingsgewogen) blootstelling (beter) het gevraagde inzicht. In andere situaties is een gedetailleerde(re) analyse gewenst. Als daarbij sprake is van een voldoende grote populatie waarop de bekende blootstelling effect heeft, kan gebruik worden gemaakt van de Rekentool. Wanneer berekeningen vooral worden uitgevoerd voor communicatieve doeleinden biedt de Meerookmethode vaak de gewenste informatie.

Iedere methode heeft zijn mogelijkheden en beperkingen, deze worden samengevat in de onderstaande tabel  en komen in de daarop volgende paragrafen uitgebreid(er) aan bod.

Tabel: Overzicht van beschikbare rekenmethoden

Reken-methode

Mogelijkheden

Beperkingen

Focus op

Gezondheid-effect-screening (GES)

Zeer beperkt

- De indeling in klassen heeft te weinig discriminerend vermogen
- er wordt steeds naar 1 component gekeken terwijl de meest relevante blootstellingen in mengsels gaan (afstand)
- de toegepaste klassen voor fijn stof en NO2 zijn niet gezondheidsrelevant
- de bij de klassen genoemde gezondheidseffecten komen niet overeen bij de blootstelling waarbij zij geplaatst zijn

PM10fijnstof

NO2

GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst-RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Rekentool

Voor een groot gebied (stad of GGD-regio) de gezondheidseffecten van maatregelen uitdrukken. Op basis van gemiddelde (verschil in) blootstelling aan PM10/PM2,5fijnstof voor alle inwoners (en NO2 en roet voor het doorrekenen van levensduur)

Relatief groot gebied nodig, niet bedoeld om lokale maatregelen (op kleine schaal) door te rekenen, behalve voor levensduur

PM10

PM2,5

(NO2, roet) 

Meerook-methode

 

Toepasbaar op alle schaalniveaus (lokaal en regionaal), vergelijking op basis van “even erg als x meegerookte sigaretten in huis”

Geen objectief gezondheidsrisico. Methode kan de vraag oproepen wat dat dan weer betekent voor de gezondheid

PM10

PM2,5

NO2

roet

De GESGezondheidkundige Evaluatie Schiphol-methodiek voor luchtverontreiniging wordt veel gebruikt door gemeenten en adviesbureaus, mede op aangeven van de Commissie m.e.r.. Ook het ministerie van I&WMinisterie van Infrastructuur & Waterstaat verwijst met grote regelmaat naar het instrument. Meer nog dan de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst Richtlijnen wordt dit instrument derhalve door externe partners gebruikt en geniet het Handboek GES een zekere status.
De GES wordt door gemeenten en adviesbureaus vaak ten onrechte als de enige methode gezien waarmee gezondheidseffecten in kaart kunnen worden gebracht. De GES, en daarmee het Handboek GES, is een instrument voor de beoordeling van gezondheid en milieu in planvorming. Er zijn ook andere instrumenten beschikbaar waarmee GGD'en en andere partijen gezondheidseffecten van milieu in kaart kunnen brengen. Als het specifiek gaat om de invloed van lucht (idem voor geluid) op de gezondheid duidelijk te maken is de GES niet bruikbaar maar zijn andere methoden geschikter, waaronder de GGD-RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu rekentool.

In het Handboek GES uit 2012 was de indeling in klassen voor fijn stof en NO2Stikstofdioxide te groot (5 µg/m³) om op lokaal niveau enig onderscheidend vermogen te hebben. Op dit moment wordt het handboek herzien en worden de klassen kleiner, waarschijnlijk 2,5 µg/m³. Dit is een verbetering, maar nog steeds zijn de klassen weinig onderscheidend. In het GES handboek wordt vermeld dat de GES methodiek niet geschikt is voor een kwantitatieve beoordeling van gezondheidseffecten van luchtverontreiniging. Daarvoor zal onder meer verwezen worden naar de GGD-RIVM rekentool.
Daarnaast is het belangrijk om op te merken dat de gezondheidseffecten van luchtverontreiniging vele malen groter zijn dan die van de andere thema’s die behandeld worden in het GES handboek. De gezondheidsimpact (in DALYDisability Adjusted Life Year) van GES-score 6 is bij luchtverontreiniging ongeveer 600 keer groter dan bij de andere thema’s. Dit maakt de thema’s onderling onvergelijkbaar en maakt dat luchtverontreiniging met Handboek GES mogelijk minder gewicht in de schaal legt bij ruimtelijke besluitvorming dan op basis van gezondheid wenselijk is.

Om de omvang van de gezondheidsschade door luchtverontreiniging in beeld te brengen kunnen GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst’en – gevraagd of ongevraagd – de omvang van de ziektelast in hun eigen werkgebied of regio berekenen. Dit kan helpen om de ernst van het probleem en/of de noodzaak van verbetering van de luchtkwaliteit te onderbouwen en het effect van maatregelen weer te geven. Hiertoe is door GGD Amsterdam, het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en GGD Gelderland-Midden een rekentool opgesteld: ‘Kwantificeren van de gezondheidsschade door luchtverontreiniging voor GGD’en’ (van der Zee et al. 2016b).

De methode is gebaseerd op een in 2015 door het RIVM uitgevoerde berekening van de ziektelast in Nederland (Maas et al. 2015) en kan ook worden gebruikt om de gezondheidswinst van een beoogde verbetering van de luchtkwaliteit door te rekenen. Voorwaarde voor het gebruik van de methode is wel dat de populatie-omvang voldoende groot is om zinvolle berekeningen mogelijk te maken (vuistregel vanaf 50.000 inwoners). De berekeningen worden uitgevoerd voor die gezondheidseffecten waarvan de concentratie-respons functie is gekwantificeerd in recente meta-analyses ofwel: voor die gezondheidseffecten waarvan de relatie met luchtverontreiniging in een groot aantal studies is aangetoond.

Voor meer beschouwing over de voor- en nadelen, en nadere uitleg over toepassing van de methode verwijzen we naar de handleiding (van der Zee et al. 2016b). De spreadsheet om de berekeningen uit te voeren is voor GGD medewerkers beschikbaar via het besloten cGMcentrum Gezondheid en Milieu online platform milieu en gezondheid (zoekterm: luvo rekentool).

Bestuurders en beleidsmakers hebben vaak behoefte om de gezondheidsschade door luchtverontreiniging in perspectief te zetten, bijvoorbeeld door het af te zetten tegen andere risicofactoren. Hiertoe is een communicatiemethode ontwikkeld waarmee de gezondheidsschade van luchtverontreiniging wordt afgezet tegen die van (mee)roken. Via de website van de Academische Werkplaats Milieu en Gezondheid zijn zowel een Informatieblad als het wetenschappelijk artikel over deze methode te vinden (van der Zee et al. 2016a). Via dezelfde website is het mogelijk om het rekenblad (excel) inclusief gebruikersinstructie te downloaden.

Voordeel van de meerookmethode is dat deze ook gebruikt kan worden op kleine schaal, bijvoorbeeld een straat of zelfs een woning. Zo is de gezondheidsschade van het wonen langs de A10-West bij Amsterdam vergelijkbaar met de gezondheidsschade van het in huis meeroken van 10 sigaretten per dag. De gezondheidswinst van een lokale verkeersmaatregel in Den Haag is voor de bewoners van die straat vergelijkbaar met het minder in huis meeroken van 2,5 sigaret per dag.

  • Maas R, Fischer P, Wesseling J, Houthuijs D, Cassee FR (2015) Luchtkwaliteit en gezondheidswinst.  Bilthoven: RIVM.
  • van der Zee SC, Fischer PH, Hoek G (2016a) Air pollution in perspective: Health risks of air pollution expressed in equivalent numbers of passively smoked cigarettes. Environ Res 148:475-483
  • van der Zee SC, Zuurbier M, van de Weerdt R, Fischer P (2016b) Kwantificeren van de gezondheidsschade door luchtverontreiniging voor GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst-en.  Publicatie van GGD Amsterdam en GGD Gelderland-Midden.