02-03-2021 | 16:30 uur

Vaccinatiecijfers 21 tot en met 28 februari

Tot en met zondag 28 februari hebben naar schatting ruim 1.000.000 mensen in Nederland tenminste één coronavaccinatie ontvangen.

Sinds vorige week worden in vier grote instellingen de GGZgeestelijke gezondheidszorg-cliënten die daar wonen en de GGZ-zorgmedewerkers gevaccineerd door de medische dienst van de instelling. Wijkverpleegkundigen ontvangen ook sinds vorige week hun vaccinatie.

De vaccinatiegraad onder de thuiswonende ouderen is toegenomen. Van de 90-plussers heeft 61% een eerste prik gehad, van de thuiswonende 85-89-jarigen 68% en van de thuiswonende 80-84-jarigen 42%. Deze percentages stijgen nog meer in de komende periode, als meer mensen uit deze groepen hun vaccinatie hebben ontvangen.

Tweede vaccinatie
Naar schatting hebben ruim 331.000 mensen een tweede vaccinatie ontvangen.

Toegeleverde vaccins
In de afgelopen week heeft Nederland 200.070 doses vaccin van BioNTech/Pfizer toegeleverd gekregen, 72.000 van Moderna en 148.390 vaccins van AstraZeneca. 

Vaccinatiecijfers 6 januari t/m 28 februari 2021

Doelgroep Startdatum Vaccin Eerste dosis Tweede dosis

Directe COVID-19-zorgmedewerkers

06-01-2021 COM   40.000 40.000

Huisartsen

22-01-2021 MOD 14.300 3.000
Andere zorgmedewerkers & thuiswonende ouderen <80 jaar 06-01-2021 COM/AZ 297.919 192.556
Thuiswonenden        
  • 90-plussers
26-01-2021 COM 56.747 196
  • 85-89-jarigen
29-01-2021 COM 150.859 200
  • 80-84-jarigen
05-02-2021 COM 172.523 214
  • 60-64-jarigen & hoog risico ernstig beloop COVID-19 (schatting)
15-02-2021 AZ 63.002 0
Bewoners instellingen voor langdurige zorg (schatting)        
  • Verpleeghuizen en zorginstellingen met instellingsarts & GGZ
18-01-2021 COM/MOD/AZ 156.477 92.988
  • Kleinschalige woonvormen vallend onder huisarts
25-01-2021 MOD/COM 52.930 2.517
Totaal     1.004.757 331.671
  • Directe COVID-19-zorg: zorgmedewerkers die directe COVID-19-zorg verlenen (klinisch en ICintensive care), spoedeisende hulp en de ambulances voor COVID-19-zorg.
  • Directe COVID-19-zorg en huisartsen: afgeronde cijfers.
  • Andere zorgmedewerkers: zorgmedewerkers in verpleeghuizen, klinische medisch specialistische revalidatie, gehandicaptenzorg en wijkverpleging.
  • 60-64-jarigen & hoog risico ernstig beloop COVID-19: vanwege de beperkte beschikbaarheid van het AstraZeneca-vaccin, worden eerst alle mensen uitgenodigd die zijn geboren in 1956 of 1957. Daarnaast worden ook groepen gevaccineerd die een hoog risico hebben op een ernstig beloop van COVID-19. Het gaat hierbij in eerste instantie om mensen met het syndroom van Down en morbide obesitas (Body Mass Index (BMIBody Mass Index) >40 kgkilogram/m2). Verder worden ook de praktijkmedewerkers gevaccineerd.
  • GGZgeestelijke gezondheidszorg: dit betreft zowel cliënten in de intramurale GGZ als zorgmedewerkers in de GGZ en GGZ-crisisdiensten.
  • Bewoners overige instellingen: dit betreft grotendeels bewoners maar als er vaccin over is, wordt dit ook gegeven aan medewerkers van deze instellingen.
  • COM= Comirnaty® (BioNTech/Pfizer); MODMilieu Ongevallen Dienst= COVID-19 Vaccine Moderna®; AZ= COVID-19 Vaccine AstraZenceca®’; voor de op dit moment beschikbare vaccins worden 2 doses aanbevolen.
  • In de data van GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst GHORGeneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio Nederland uit CoronIT kan nog geen volledig onderscheid worden gemaakt tussen andere zorgmedewerkers en thuiswonende ouderen. Wel kunnen personen worden onderscheiden met een geregistreerde leeftijd van 80 jaar of ouder (zie onder thuiswonenden en hoofdstuk 4). Indien leeftijd onbekend is, worden zij weergegeven bij de groep <80 jaar.
  • Er is nog geen continue datastroom voor het aantal gevaccineerden in instellingen en door huisartsen (60-64-jarigen & hoog risico ernstig beloop COVID-19). Daarom wordt voor deze doelgroepen tijdelijk gewerkt met een schatting op basis van het aantal in opdracht van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu op vaccinatielocaties uitgeleverde doses. Voor Comirnaty® (BioNTech/Pfizer) wordt aangenomen dat deze doses op de dag van uitlevering zelf en gedurende de drie dagen daarna in gelijke delen (25% per dag) worden toegediend. Voor de vaccinatie door huisartsenposten (HAPs) wordt aangenomen dat er niet in het weekend wordt gevaccineerd, en dat wanneer zij diepgevroren Comirnaty® krijgen dit gedurende tien werkdagen wordt gebruikt. Voor COVID-19 Vaccine Moderna® wordt uitgegaan van toediening verdeeld over negen werkdagen en voor COVID-19 Vaccine AstraZeneca® over tien werkdagen (in het geval van huisartsen: tien werkdagen exclusief de dag van levering). Voor vaccinaties in GGZ-instellingen wordt uitgegaan van leveringen aan instellingen of ziekenhuizen van COVID-19 Vaccine AstraZenceca® of COVID-19 Vaccine Moderna®, waarbij wordt uitgegaan van toediening verdeeld over tien werkdagen. Als een instelling een tweede keer beleverd wordt, met minstens 3 weken er tussen, wordt ervan uitgegaan dat dit een tweede doses betreft. Het RIVM houdt rekening met 5% verspilling en gaat uit van 6 doses per vaccinflacon voor Comirnaty® (BioNTech/Pfizer), 10 doses per vaccinflacon voor COVID-19 Vaccine Moderna® en 11 doses per vaccinflacon voor COVID-19 Vaccine AstraZeneca®.

grafiek vaccinatiegraad procenten

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Cumulatieve vaccinatiegraad per week onder thuiswonende ouderen van 80 jaar en ouder voor de eerste COVID-19-vaccinatie, per leeftijdsgroep.

  • Weeknummers zijn kalenderweken (ISOInternational Organization of Standardization 8601): week 1=4-10 januari 2021, week 2=11-17 januari 2021, etc.
  • De vaccinatiegraad wordt geschat door het aantal COVID-19-vaccinaties onder personen met een geregistreerde leeftijd van 80-84 jaar, 85-89 jaar en 90+ te delen door het aantal thuiswonenden in deze leeftijdsgroep volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (het totaal aantal inwoners min het aantal inwoners in een instelling) op 1 januari 2020 (meest recente beschikbare gegevens). Hierbij is aangenomen dat mensen die woonachting zijn in een instelling, gevaccineerd zijn door de instellingsarts of huisarts en niet door de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst.
  • Gerapporteerde vaccinaties in de weken voorafgaand aan de officiele startdatum van de eerste vaccinatieronde van een doelgroep zijn toegeschreven aan de week waarin de officiele startdatum van de eerste vaccinatieronde van de betreffende doelgroep viel.