Het RIVM deelt wekelijks op woensdag de actuele cijfers over het griepvirus  (influenzavirus)  in Nederland.  

Update 4 maart 2026: Griep lijkt over de piek heen 

Hoewel er nog veel griep rondgaat in Nederland lijkt het aantal mensen met griep over de piek heen te zijn. De afgelopen week nam het aantal mensen dat met griepachtige klachten de huisarts bezocht licht af. Afgelopen week ging het om 66 op de 100.000 mensen ten opzichte van 68 op de 100.000 mensen in de week ervoor. 

In de monsters van patiënten die de huisarts bezochten met een griepachtig ziektebeeld, werd in de afgelopen week nog veel griepvirus (influenzavirus) aangetoond. In de 38 monsters werd het griepvirus 20 keer (53%) aangetroffen. Dit is vergelijkbaar met de week ervoor. In de keel- en neusmonsters van deelnemers aan Infectieradar met luchtwegklachten, werd afgelopen week wat vaker griepvirus aangetoond dan in de week ervoor (11,4% ten opzichte van 8,2% in de week ervoor). In de laboratoria (de Virologische Weekstaten) is het aantal monsters van afgelopen week waarin griepvirus werd aangetoond lager dan in de weken ervoor. 

Enkele varianten van de griepvirussen die nu rondgaan verschillen wat van de virussen waar het griepvaccin van dit seizoen op is gemaakt. Toch laten diverse onderzoeken uit onder meer het Verenigd Koninkrijk en de voorlopige resultaten van een Europese studie zien dat het vaccin wel ongeveer even goed werkt als in andere jaren. De Europese studie, waarin ook Nederlandse gegevens gebruikt zijn, is gebaseerd op data van huisartsen in de eerste weken van het huidige luchtwegseizoen (van oktober t/m begin december 2025).

Naast het griepvirus zorgen ook andere ziekteverwekkers voor luchtweginfecties.

Direct naar

Figuren over griep

In de figuren hieronder staat informatie over griep in Nederland in Nederland. De cijfers van de laatste weken zijn nog niet volledig. Dat komt omdat sommige cijfers later binnenkomen.   

Vanaf 1 maart 2026 stopt het Nivel met het melden van aantallen patiënten die de huisarts bezoeken met griepachtige klachten (influenza-achtig ziektebeeld, IAZ influenza-achtig ziektebeeld (influenza-achtig ziektebeeld)). Nivel meldt dan alleen nog over alle patiënten met acute luchtweginfectie (ARI). Dit zijn mensen met een IAZ of een andere acute luchtweginfectie veroorzaakt door virussen of bacteriën. RIVM en Nivel blijven de virussen die IAZ en ARI acute respiratoire infectie (acute respiratoire infectie) veroorzaken monitoren. Het RIVM volgt de ontwikkeling van griep (influenza) en andere luchtweginfecties waarvoor het verschillende informatiebronnen heeft.

Griep bij huisartsen deelnemend in Nivel Peilstations

Sla de grafiek 'Aantal patiënten met griepachtige klachten' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: Peilstations participerend in Nivel Zorgregistraties eerste lijn.

Noot. De grafiek hierboven toont het aantal mensen dat met griepachtige klachten naar de huisarts gaat per week per 100.000 mensen. De grafiek laat de laatste tien seizoenen zien: van 2016/2017 tot en met 2025/2026. In het seizoen 2017/2018 was de piek in het aantal mensen dat met griepachtige klachten per week naar de huisarts ging het hoogst. De piek van 2024/2025 is vergelijkbaar met die van 2018/2019. Ook is duidelijk te zien dat dit aantal in de jaren tijdens de COVID-19 pandemie lager lag.

Bij een steekproef van de personen die de huisarts bezoeken met een griepachtig ziektebeeld worden monsters afgenomen voor de landelijke respiratoire surveillance. Dit wordt gedaan door huisartsenpraktijken die deelnemen aan de Peilstations van Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn. Zo’n 40 huisartsen praktijken registreren en bemonsteren wekelijks het aantal mensen met een griepachtig ziektebeeld. Daarnaast zijn er ongeveer 100 praktijken die alleen mensen met een griepachtig ziektebeeld bemonsteren. 

Door een lage hoeveelheid virus kan het in enkele gevallen voorkomen dat het rhinovirus en het enterovirus niet van elkaar te onderscheiden zijn. Hierbij is het niet te bepalen of rhinovirus of enterovirus allebei voorkomen, of één van de twee. Daarom wordt deze uitslag in de grafiek als Rhino/Enterovirus weergegeven.

Let op: de lijn in de grafiek is het totale aantal geteste monsters. Iemand kan meerdere infecties tegelijk hebben. Hierdoor kunnen de gestapelde percentages in de grafiek een hoger percentage monsters positief aangeven, dan in werkelijkheid het geval is. Enterovirus uitslagen volgen met een vertraging van twee weken, in verband met extra uit te voeren testen.

Het RIVM vraagt deelnemers aan het Infectieradar zelftestonderzoek  een corona zelftest te doen als zij klachten hebben die passen bij corona of bij een andere luchtweginfectie, zoals hoesten, keelpijn, kortademigheid, een loopneus of een verstopte neus. Een deel van deze mensen wordt gevraagd om ook een neus- en keelmonster op te sturen naar het RIVM. Het RIVM onderzoekt of dit monster het coronavirus, een griepvirus of een verkoudheidsvirus bevat. Het merendeel van deze mensen met klachten heeft hiervoor niet de huisarts bezocht. 

Let op: de lijn in de grafiek is het totale aantal geteste monsters. Iemand kan meerdere infecties tegelijk hebben. Hierdoor kunnen de gestapelde percentages in de grafiek een hoger percentage monsters positief aangeven, dan in werkelijkheid het geval is. Nog niet alle monsters die de afgelopen week zijn opgestuurd zijn al getest. Deze uitslagen zullen volgende week worden aangevuld.

Laboratoria melden griepvirus in Virologische Weekstaten

Aantal positieve monsters

Sla de grafiek 'Influenzavirus type A in monsters van laboratoria' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: virologische diagnostiek rapportages Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie.

Noot. In de grafiek zijn alleen gegevens meegenomen van die laboratoria die voor minstens 95% van de weken sinds het luchtwegseizoen 2023/2024 hun gegevens hebben doorgegeven én die voor alle laatste vijf weken hun gegevens hebben doorgegeven. Van welke laboratoria in de grafiek gegevens worden getoond, kan daarom per week verschillen. Ook het totaal aantal keren dat Influenzavirus type A is aangetoond kan daardoor per week wisselen.

Let op: Deze data is eigendom van de laboratoria die deelnemen aan de virologische weekstaten, vertegenwoordigd door het bestuur van de Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie (NWKV). Het database beheer ligt bij het RIVM. Verder gebruik van deze data is niet toegestaan zonder toestemming. Toestemming voor gebruik van deze data kan aangevraagd worden door contact op te nemen via virweekstaten@rivm.nl.

Percentage positieve monsters

Sla de grafiek 'Influenzavirus type A in monsters van laboratoria' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: virologische diagnostiek rapportages Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie.

Noot. Een deel van de laboratoria meldt zowel het aantal geteste monsters als het aantal detecties. Het percentage positieve monsters in bovenstaande figuur is gebaseerd op de meldingen waarin ook het aantal monsters is gemeld. Niet alle laboratoria die het aantal geteste monsters melden hebben hun data gerapporteerd voor de meest recente week. Het percentage positieve monsters van deze week staat daarom nog niet vast.

Let op: Deze data is eigendom van de laboratoria die deelnemen aan de virologische weekstaten, vertegenwoordigd door het bestuur van de Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie (NWKV). Het database beheer ligt bij het RIVM. Verder gebruik van deze data is niet toegestaan zonder toestemming. Toestemming voor gebruik van deze data kan aangevraagd worden door contact op te nemen via virweekstaten@rivm.nl.

Aantal positieve monsters

Sla de grafiek 'Influenzavirus type B in monsters van laboratoria' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: virologische diagnostiek rapportages Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie.

Noot. In de grafiek zijn alleen gegevens meegenomen van die laboratoria die voor minstens 95% van de weken sinds het luchtwegseizoen 2023/2024 hun gegevens hebben doorgegeven én die voor alle laatste vijf weken hun gegevens hebben doorgegeven. Van welke laboratoria in de grafiek gegevens worden getoond, kan daarom per week verschillen. Ook het totaal aantal keren dat Influenzavirus type B is aangetoond kan daardoor per week wisselen.

Let op: Deze data is eigendom van de laboratoria die deelnemen aan de virologische weekstaten, vertegenwoordigd door het bestuur van de Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie (NWKV). Het database beheer ligt bij het RIVM. Verder gebruik van deze data is niet toegestaan zonder toestemming. Toestemming voor gebruik van deze data kan aangevraagd worden door contact op te nemen via virweekstaten@rivm.nl.

Percentage positieve monsters

Sla de grafiek 'Influenzavirus type B in monsters van laboratoria' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: virologische diagnostiek rapportages Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie.

Noot. Een deel van de laboratoria meldt zowel het aantal geteste monsters als het aantal detecties. Het percentage positieve monsters in bovenstaande figuur is gebaseerd op de meldingen waarin ook het aantal monsters is gemeld. Niet alle laboratoria die het aantal geteste monsters melden hebben hun data gerapporteerd voor de meest recente week. Het percentage positieve monsters van afgelopen week staat daarom nog niet vast.

Let op: Deze data is eigendom van de laboratoria die deelnemen aan de virologische weekstaten, vertegenwoordigd door het bestuur van de Nederlandse Werkgroep voor Klinische Virologie (NWKV). Het database beheer ligt bij het RIVM. Verder gebruik van deze data is niet toegestaan zonder toestemming. Toestemming voor gebruik van deze data kan aangevraagd worden door contact op te nemen via virweekstaten@rivm.nl.

Ziekenhuislaboratoria sturen griepvirussen naar Nationaal Influenza Centrum (NIC)

Sla de grafiek 'Aantal monsters positief voor influenzavirus ingezonden door ziekenhuizen' over en ga naar de datatabel

Bron grafiek: ingezonden influenzavirussen aan het NIC Nationaal Influenza Centrum (Nationaal Influenza Centrum) (locatie ErasmusMC Erasmus Medical Center (Erasmus Medical Center) en RIVM). De aantallen van de voorgaande en huidige week kunnen veranderen door nagekomen influenzavirussen.