In Nederland is de ruimte voor wonen en werken schaars. Mensen willen gezond en veilig wonen en leven. Tegelijkertijd worden in de industrie belangrijke chemische stoffen gemaakt. Deze stoffen zijn nodig voor producten uit ons dagelijks leven. Hierbij is productie, verwerking en opslag van deze stoffen nodig. Ook worden deze stoffen vervoerd over de weg, het water, het spoor en door buisleidingen. Het RIVM onderzoekt welke risico’s deze activiteiten met gevaarlijke stoffen kunnen hebben voor de omgeving. Ook wordt gekeken naar de risico’s van windturbines en energieopslagsystemen. 

Wat is omgevingsveiligheid?

Producten uit het dagelijks leven, zoals medicijnen, cosmetica of kunststoffen, zijn vaak gemaakt van chemische stoffen. Ook voor de energiebehoefte en -transitie zijn chemische stoffen nodig, zoals benzine, (Liquefied Petroleum Gas) of waterstof. Productie, gebruik, opslag en vervoer van deze stoffen kunnen gevaarlijk zijn voor de omgeving. Zo kan er bijvoorbeeld een brand, explosie of een gifwolk ontstaan. Ook rond windturbines kunnen er risico’s zijn. Bijvoorbeeld als van een windturbine de mast of een blad afbreekt.

Het risico wordt bepaald door de kans op een ongeval én het effect daarvan op de omgeving. Daarom zijn er regels om de kans op een ongeval zo klein mogelijk te maken en de eventuele gevolgen van een ongeval te beperken. Zo gelden er minimale afstanden die aangehouden moeten worden tussen activiteiten met gevaarlijke stoffen en woningen. Het effect van een mogelijk ongeval met gevaarlijke stoffen wordt namelijk minder als de afstand tot de activiteit toeneemt. Op deze manier kan een gebied zo ingericht worden dat mensen die er wonen of werken voldoende beschermd zijn bij ongevallen met gevaarlijke stoffen of windturbines.

Wat doet het RIVM aan omgevingsveiligheid?

Onderzoek naar (beleving van) bestaande risico’s

Het RIVM doet onderzoek naar de risico’s van activiteiten met gevaarlijke stoffen en het beheersen van deze risico’s. Het RIVM adviseert overheden gevraagd en ongevraagd, zodat het omgevingsveiligheidsbeleid gebaseerd kan worden op de meest recente wetenschappelijke inzichten. Dit onderzoek richt zich op het berekenen van de werkelijke risico’s, maar ook op de beleving daarvan door omwonenden. 

Onderzoek naar een veilige energietransitie

De overgang van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energiebronnen zorgt ervoor dat er andere stoffen vervoerd, opgeslagen en gebruikt worden. Bijvoorbeeld waterstof, ammoniak en methanol. Ook worden er steeds meer batterijen gebruikt. Het RIVM doet onderzoek naar de mogelijke risico’s van deze energiedragers. 

Informatie beschikbaar maken voor mensen die werken aan omgevingsveiligheid

Overheden, zoals gemeenten en provincies, hebben een belangrijke verantwoordelijkheid om te zorgen voor een veilige leefomgeving. Bedrijven zijn verplicht om de risico's van hun activiteiten in kaart te brengen. Het RIVM ontwikkelt rekenmethoden om inzicht te krijgen in deze risico's. Deze rekenmethoden bieden samen met het Handboek Omgevingsveiligheid en de Maatregelenwiki ondersteuning aan overheden en bedrijven. Met periodieke workshops en een jaarlijkse netwerkdag stimuleert het RIVM kennisuitwisseling.

Meer informatie 

Het RIVM vindt het als onafhankelijk kennisinstituut belangrijk om de samenleving op begrijpelijke en toegankelijke manier te informeren. Op de website Atlas Leefomgeving staat meer informatie over omgevingsveiligheid (externe veiligheid). Zo wordt uitgelegd wat gevaarlijke stoffen zijn en wat mensen zelf kunnen doen om voorbereid te zijn op eventuele ongevallen. Op de website van het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) staat meer informatie over de wet- en regelgeving van omgevingsveiligheid. Op de pagina publicaties staat een overzicht van rapporten die het RIVM over omgevingsveiligheid heeft uitgebracht. Elk rapport begint met een korte publiekssamenvatting.